Text Size

Aquarium houden, stap voor stap DEEL 2

Aquariumhouden, stap voor stap
Deel 2

door Eric Lievens, clubblad, extra dossier.

Ik veronderstel dat na de nuttige wenken van onze hoofdredakteur, dhr. Rik Vanhoenacker, ons aquarium opgesteld staat en de technische apparatuur aanwezig is om het onze vissen en planten zo aangenaam mogelijk te maken in hun nieuw verblijf.

Achterwanden

Onze volgende te zetten stap, is het bepalen van de soort achterwand dat wij gaan gebruiken. Het spreekt vanzelf dat de tijd van de posters is voorbijgestreefd. Zonder achter- en/of zijwanden zijn wij ook nergens, enerzijds hebben wij teveel weerspiegeling van de omliggende omgeving, anderzijds vind ik het buitengewoon onnatuurlijk als het gebloemde behangpapier doorheen ons aquarium zichtbaar is.
Vooraleer een definitieve keuze te maken denken we terug aan onze ledenvergadering: "Bodemstrukturen in de natuur en in het aquarium", waarin ons werd verteld dat de bodem en achterwand het meest natuurlijk overkomen als deze dezelfde kleur hebben. Dus moeten wij nu reeds voor onszelf uitmaken welke bodem wij gaan gebruiken.

  • Men kan het eenvoudig houden: decoratieve platen bestaande uit piepschuim (isomo), beschilderd met niet giftige verf. Groot nadeel bij gebruik van dit soort platen is dat bij de minste aanraking, of bij het afgrazen van algen door bepaalde vissen, de oppervlaktelaag wordt beschadigd en de witte kleur van de isomo weer zichtbaar wordt.
  • Kurkwanden zijn mijns inziens goed te gebruiken. Door hun donkerbruine kleur en een hieraan aangepaste bodemgrond, kan men een zeer natuurlijk effect bekomen. Deze bieden ook het voordeel dat substraatplantjes er gemakkelijk kunnen op vastgepind worden. Nadeel: na verloop van tijd kan dit soort achterwanden beginnen afbrokkelen en het water bruinkleuren.

Een moderne soort achterwand bekomt men door het gebruik van PU (Polyurethaan)-schuim. Uitstekend geschikt om te gebruiken in een cichlidenaquarium. Met dit materiaal kan men kunstmatig holen en spleten creëren die zeker niet mogen ontbreken in een dergelijke biotoop. Dit brengt wel met zich mee dat men een tamelijk diepe (brede) aquarium nodig heeft. Intussen heeft u ongetwijfeld de nodige informatie en ideetjes opgedaan tijdens de voorbije ledenvergadering van 22 januari : Wanden maken met 2 componenten.

Bodems

Eenmaal de keuze gemaakt van de achterwand, schakelen wij nu over naar de bodemgrond. Daar waar de achtergrond nog min of meer als louter decoratief element kan beschouwd worden, is dit voor het aanleggen van de bodembedekking geenszins het geval.
De soort bodembedekking hangt uiteraard af van het soort aquarium dat dient ingericht te worden. Een plantenaquarium zal uiteraard een andere bodemstruktuur moeten hebben, als bijvoorbeeld een cichlidenbak waar de hoofdtoon ligt bij de gekozen vispopulatie.

Fijn grind is een ideaal materiaal om te gebruiken als bodembedekking, wel rekening houden met de korrelgrootte. Een bodem voor planten moet in de eerste plaats poreus zijn en mag zeker niet dicht slibben, de wortels der planten moeten immers ook kunnen ademen. Een korrelgrootte van 2 tot 3 mm is aan te bevelen. Bedenk ook dat de kleur van de vissen beter tot hun recht komen bij een donkere ondergrond. Voor speciaalaquaria als bijvoorbeeld een Tanganyikabak is het kleinste kaliber grind nog te groot en gebruikt men beter een zandsoort. Voor bepaalde vissoorten uit deze biotoop, voornamelijk de zandbewonende cichliden, kunnen wij zelfs niets anders dan zand gebruiken, "sableerzand" lijkt hier zeer aanbevolen. Hoe fijner het zand, hoe beter de gedragspatronen van deze vissen tot uiting zullen komen.

Ook voor meervallensoorten is het aangewezen fijn bodemmateriaal te gebruiken. Zij wroeten immers heel graag met hun snoet in de bodem op zoek naar iets lekkers. Onthoudt echter dat indien er geen zandbewoners of bodembewonende vissen in ons aquarium voorkomen, wij bij voorkeur materiaal gebruiken dat grover is van structuur, zodanig dat de stofwisselingsprocessen op een verantwoorde manier kunnen doorgaan. Wist U trouwens dat naast de filtering, de bodem ook kan bijdragen tot de biologische afbreking van de schadelijke afvalstoffen in ons aquarium; een voorwaarde... hij mag NIET dichtslibben.

In sommige boeken wordt soms aangeraden om een mengeling te gebruiken van grind met zand in een verhouding van 1:3 of 1:4. Dit vind ik persoonlijk niet zo goed, want het zand zal de openingen tussen de steentjes opvullen en zo een te vaste structuur vormen.

Water

Jullie zullen zich misschien afvragen wanneer eindelijk water in het aquarium kan gedaan worden.
Welnu, éénmaal aan de voorwaarden van deel 1 is voldaan en de achterwand en bodemgrond is ingebracht, kan men beginnen denken aan het vullen van ons aquarium. Water is maar water zou men zeggen. Niets is minder waar. Ik zal hier geen scheikundeles geven, maar niets zit zo complex in elkaar als de vloeistof die bestaat uit 2 delen waterstof en 1 deel zuurstof: WATER.

Belangrijke waterwaarden

De hardheid: Wij onderscheiden de totale hardheid (GH of DH) en de tijdelijke hardheid of karbonaathardheid (KH). Onder tijdelijke hardheid verstaat men het gehalte aan opgeloste zouten in het water zoals carbonaten en bicarbonaten. Het is deze tijdelijke hardheid die de zuurtegraad beschreven in punt 2 kan be-invloeden, evenals het gehalte aan CO2. Zo is bij een hoge tijdelijke hardheid weinig vrije CO2 in het water aanwezig, wat een verhoging van de Ph waarde tot gevolg heeft. Wil men gebruik maken van CO2 om onze Ph te verlagen, dan moet de carbonaathardheid eerst beneden de 4 °KH gebracht worden. Ook andere zouten, zoals fosfaten en nitraten zijn verantwoordelijk voor de hardheid van ons water. Deze stoffen bepalen de niet-carbonaathardheid. De som van de tijdelijke hardheid en de niet-carbonaathardheid (NKH) vormt de totale hardheid.
Totale hardheidstabel

 

0 - 4 °DH: zeer zacht water
4 - 8Ã °DH: zacht water
8 - 12 °DH: middelhard water
12- 18 °DH: hard water
> 18 ° DH: zeer hard water

 

Naast de factor hardheid, is de pH of zuurtegraad eveneens van zeer groot belang in onze waterhuishouding.

De pH-waarde is de maateenheid voor de grootte van de reactie van water. Water met een pH-waarde gelijk aan 7, is neutraal te noemen. Alles wat lager ligt is zuur te noemen, alles wat hoger dan 7 is noemt men basisch (alkalisch). De verhouding van gehalte aan CO2 en tijdelijke hardheid speelt een grote rol voor de pH-waarde. Voor het merendeel van de vissoorten is een zwak zure pH (6-6,9) in combinatie met zacht water, aan te prijzen. In de praktijk is dit soms moeilijk te verwezenlijken zonder kunstmatige middelen te gebruiken. Hoewel de samenstelling van het leidingwater van plaats tot plaats sterk kan verschillen, liggen de totale hardheidwaarden meestal heel hoog. Terzelftertijd is de pH-waarde dikwijls hoger dan 7.
Willen wij nu water bekomen met een zwak zuur karakter en langs de zachte kant is het aangewezen leidingwater met put- en/of regenwater te mengen in een verhouding van 2 delen kraantjeswater op 1 deel regen- of putwater, op voorwaarde natuurlijk dat ons putwater geen verontreinigingen bevat en het regenwater volgens de regels der kunst wordt opgevangen.

Nitraat, Nitriet en ammoniak is zeker niet de minste waarde waar rekening mee moet gehouden worden, ik zou zelfs zeggen de belangrijkste. Een beginnend aquariaan zal het al meegemaakt hebben dat een pas opgestart aquarium, bij meting van nitraten en nitrieten, de waarden boven de toelaatbare norm liggen en veelal de oorzaak zijn van vissterfte. Dit is dan ook de reden dat men het aquarium de eerste 3 weken moet laten "rijpen" d.w.z. het aquarium inrichten, vullen met water en volledig laten functioneren zonder er een vis in onder te brengen. Na verloop van tijd zal ook in goed ingerichte aquaria de waterkwaliteit dalen.
Verrotte plantedelen en uitscheidingsprodukten van vissen, zorgen voor een toename van nitraten in ons water. Nitraten kunnen dan omslaan in nitrieten en dan is men niet meer zo ver verwijderd van het gevaarlijke ammoniak. Let wel: hoe hoger onze pH-waarde ligt, hoe groter de kans bestaat dat er hogere waarden van NO2 (nitraten) gemeten worden. Het spreekt vanzelf dat er nog andere stofwisselingsprocessen plaatsgrijpen maar hardheid, pH en NO2, zijn de belangrijkste.

Praktische tips:

  • Men kan de hardheid verlagen door het filteren over turf (goede turf gebruiken).
  • Voor het verhogen van de hardheid kan men door gebruik te maken van koraalzand (opgelet: de hardheid dagelijks controleren).
  • Om de pH-waarde te verlagen dient men eerst te zorgen voor het verlagen van de carbonaathardheid. Koolzuurbemesting CO2 - {(opgelet verhouding) CO2 - pH}.
  • Verhogen van pH-waarde: Carbonaathardheid verhogen en sterk beluchten.
  • Laag houden van nitraten en nitrieten: Regelmatig water verversen, lage visbezetting, snelgroeiende planten inbrengen en zorgen voor een goed bodemklimaat.

Temperatuur

Een laatste punt waar ik het eens wil over hebben is de temperatuur. Tropische vissen moet men niet in een koudwaterbad dompelen. Een juiste temperatuur speelt een grote rol in de gedragspatronen van onze vissen. Is de temperatuur te hoog dan hebben zij niet veel lust om te zwemmen (hoe zouden wij zelf zijn). Doorgaans houden wij veel te hoge temperaturen aan voor onze visjes, dit is terzelftertijd heel nadelig voor onze planten die temperaturen hoger dan 25 graden Celsius moeilijk kunnen verdragen. Voor de meeste van onze lievelingsdieren is een temperatuur tussen de 22 en 24 graden Celsius ruim voldoende. Alles hangt af van het soort aquarium dat men wil houden. Waarden van GH, pH en temperatuur moeten gekozen worden in functie van onze in te richten bak.

Na dit tweede deel geef ik de pen door aan een ander redactielid, namelijk onze voorzitter Romain Van Lysebettens, die het in deel 3 zal hebben over de bewoners van de diverse kontinenten.

Aanmelden