Text Size

Aquarium houden, stap voor stap DEEL 1

Aquariumhouden, stap voor stap
Deel 1

door Eric Vanhoenacker, clubblad, extra dossier.

Enkele weken terug was ik in gesprek met een van onze leden. De persoon in kwestie was van plan om eens helemaal opnieuw te beginnen omdat zijn huidig aquarium niet meer voldeed. Daarom was hij op zoek naar basisinformatie over de keuze, installatie, bevolking, beplanting, techniek, enz... Toen ik naar ons tijdschrift verwees (ik ben niet voor niets redakteur) kreeg ik te horen dat ons tijdschrift eigenlijk verwacht dat je de basisinformatie reeds op zak hebt en al ongeveer weet waar de klepel hangt. Een beginner valt zowat uit de boot. Ik laat me zoiets niet graag zeggen en de eerstvolgende redaktievergadering werd een voorstel uitgewerkt. Het resultaat zal je in 10 delen kunnen doorlezen.

Keuze van de plaats

Een eerste onderwerp van diskussie tussen de gezinsleden is de plaats waar het aquarium zou kunnen komen. Eigenlijk moet je eerst eens gaan kijken of de gekozen plaatsen aquaristiek wel geschikt zijn. Eerst en vooral krijg je soms te maken met een overvloed aan binnenvallend licht. Omdat dit invallend licht niet goed te doseren of onder kontrole te houden is, krijg je dikwijls te maken met overtollige algengroei. Zorg er dus voor dat het aquarium ver genoeg van het raam af staat. Is dat niet mogelijk, plaats het aquarium dan niet evenwijdig met het raam maar in een hoek van 90 graden, dan valt het licht er schuin in. Vroege ochtendzon en late avondzon kan nog net en is zelfs bevorderlijk voor de speelsheid van sommige vissoorten. Middagzon dient in elk geval vermeden te worden.

Stevige ondergrond

Een tweede punt dat soms zorgen baart is de ondergrond. Op veel plaatsen bestaat die uit een plankenvloer die gesteund wordt door onderliggende balken. Het is natuurlijk de bedoeling dat het aquariumonderstel op die balken steunt en niet tussen twee balken in. Hou er rekening mee dat een aquarium van 100 x 50 x 40 cm ( 200 liter) met onderstel, stenen, zand, water, filter, enz... toch tussen de 250 en 270 kilo zal gaan wegen. Indien het onderstel een stalen frame is, dan zal die 250 kilo verdeeld worden over 4 pootjes van 3 x 3 cm, per pootje dus 75 kilo. Op die manier zijn er al diverse aquaria met hun pootjes gewoon door de planken gezakt. Komt daar nog bij dat het aquarium enorm staat te wiebelen telkens je voorbij komt. Zorg dus voor een stevige ondergrond, op de balken, of leg een dik stukje staalplaat onder ieder pootje zodat het gewicht verdeeld wordt.

Zeker is zeker

Nog veel te dikwijls zie ik aquaria ge-installeerd staan op een metalen voet waarop enkel een brede mousse tochtstrip gekleefd werd. Soms staat het aquarium op twee of drie muurtjes met al dan niet een plank er op. Gebroken aquariumbodems zijn in zo'n geval schering en inslag. In ons lokaal weet iedereen dat er piepschuim (isomo) onder de bak moet, totdat je thuis gaat kijken. Als je dan nog in een drukke straat woont met tram-, bus- of vrachtwagenverkeer, dan speel je met vuur (of beter met water). Leg steeds een laag van 2 cm piepschuim onder de bak, niet in 1 stuk; beter in stroken van 30 cm breed met een tussenruimte van 1 cm, zodat de platen kennen uitzetten indien nodig.

Keuze van de bak

Een moeilijke beslissing is de grootte en de verhoudingen van de bak. Qua grootte kan ik kort zijn. Koop zo groot als de plaats en je budget toelaten. Een grote hoeveelheid water blijft veel stabieler van temperatuur, van watersamenstelling en waterkwaliteit. Indien er iets mis gaat met het water, dan manifesteert zich dat langzaam zodat je tijd krijgt om te reageren. Grote bakken bieden ook meer mogelijkheden qua inrichting en beplanting. Veelal wordt een te kleine bak gekocht. Na een poosje visjes kopen (ze zijn allemaal zo mooi) wordt de bak te klein en dient er een grotere gekocht te worden, zo heb je natuurlijk twee keer kosten en ben je beter af door ineens een grotere bak te kopen.

Verhoudingen

De verhoudingen van een aquarium liggen niet zo simpel en hangen eigenlijk samen met het soort vissen dat je wil gaan houden. Discussen en scalares worden bijvoorbeeld gehouden in een hoge bak (60 cm of meer). De breedte is van ondergeschikt belang. Andere cichliden zijn meestal territoriumvormend waarbij stenen- en plantengroepen als territoriumgrens dienen. Iedere cm bodemoppervlak is dan van belang. Je kiest dan ook best voor een lange, tamelijk brede bak en dit keer is de hoogte van ondergeschikt belang. Voor labyrintvissen (Goerami's) is een lage waterstand voldoende. Vanwege het labyrint komen de dieren vaak aan de oppervlakte ademen en leven daardoor graag in ondiep water. Een hoge bak heeft dus weinig zin. Voor zalmen en barbelen voldoen de standaardmaten meestal wel. Je dient echter steeds voor ogen te houden dat een bredere bak meer mogelijkheden biedt voor de opbouw van een mooi dekor. Mocht je een PU-achterwand willen gebruiken, dan zwemmen de vissen anders bijna langs de voorruit. Voldoende diepte is dus niet te versmaden.

Verlichting

De meest voor de hand liggende manier om een aquarium van het nodige licht te voorzien zijn TL-lampen. Zoals je wellicht weet bestaan er zo veel soorten lampen en kleuren dat je door de bomen het bos niet meer ziet. Niet alle TL's zijn geschikt voor het aquarium en het is dus zaak om je goed te laten inlichten. Als korte richtlijn kan ik stellen dat je een mengeling van verschillende lampen kan toepassen (warmwit, koudwit, Grolux...) met dien verstande dat je het kleurenspectrum van de zon zo dicht mogelijk moet benaderen. Hoeveel lampen je dient te gebruiken is afhankelijk van de soort bak. Cichlidenbakken hebben doorgaans minder licht nodig dan voor een dicht beplantte bak. Er worden minder planten gehouden en het licht dient alleen om de cichliden goed tot hun recht te laten komen.

1 tot 2 TL's zijn meestal voldoende, even lang dan het aquarium. Bij plantenbakken, zeker wanneer je van een soort Hollands aquarium droomt, ligt de zaak anders. Wanneer het waterpeil 30 cm is kan 1 lamp meestal volstaan, 40 cm = 2 lampen, 50 cm = 3 lampen, 60 cm = 4 lampen... De brandduur van de lampen baseer je op het ritme van de tropen: 12 uren licht, 12 uren donker. Bij gebruik van meer dan 2 lampen moeten deze natuurlijk niet allemaal 12 uren branden. Je kan ook met twee tijdklokken werken in zo'n geval. Een tijdklok is trouwens een onmisbaar apparaat. Alleen zo kom je tegemoet aan de ingebouwde biologische klok van plant en dier. Wanneer je iedere dag op een ander tijdstip de lampen aan en uit schakelt (ploegwerkers!) slaan planten en dieren op de duur kompleet door. De planten groeien dan slecht en de dieren vertonen gedragsstoornissen. Veel aquarianen vergeten wel eens dat TL's slechts 6 maanden het nodige kleurenspectrum leveren, nadien verandert hun opbrengst zienderogen zodat je ze beter tijdig kan vervangen. Vervang nooit alle lampen tegelijk maar 1 per 1. Laat telkens enkele weken tussen, zo voorkom je lichtstoten wat de planten niet goed kunnen verwerken. Je kan natuurlijk ook verlichten met gloeilampen maar die geven eigenlijk evenveel warmte als licht en zijn niet zo geschikt. HQI-lampen (kwikdamplampen) zijn een beetje in de mode maar nog steeds tamelijk duur.

Proper water

De waterkwaliteit en de helderheid van het water kunnen slechts gegarandeerd worden indien er een goed filter aanwezig is. Filters kunnen we kort gezegd in twee soorten opsplitsen: mechanische en biologische filters. Mechanische filters filteren het zwevend materiaal uit het filter en kunnen soms d.m.v. aktieve kool,chemische stoffen uitfilteren. De biologische kwaliteit van het water zal weinig beïnvloed worden. Een biologisch filter bevat heel veel substraat waarin een bakteriebestand van nuttige bakteriën leeft. Die bakteriën zorgen, door hun grote honger, ervoor dat het water ontdaan wordt van schadelijke stoffen door deze om te zetten in een onschadelijke stof. (Denitrificatie-proces).

Verwarming

Het overgrote deel van onze aquariumvissen zijn tropisch tot subtropisch. Vandaar dat ze in ons klimaat een extra verwarming kunnen gebruiken in de vorm van een betrouwbare verwarmer/thermostaat. De gekombineerde vorm heeft het nadeel dat de thermostaat net boven de verwarmer gemonteerd is en eigenlijk reageert op de temperatuur rond het toestel. Aan de andere zijde van de bak is de temperatuur heel wat kouder. Zo'n toestel heeft veel waterbeweging nodig zodat het warme water zich kan verspreiden. Afzonderlijke thermostaat en verwarmer verdienen aanbeveling omdat ze afzonderlijk kunnen vervangen worden bij defekt (meestal gaat de verwarmer 3, 4 thermostaten mee. Bijkomend voordeel is dat de temperatuur kan gemeten worden op een punt dat van de verwarmer verwijderd is. Een elektronische thermostaat met een aparte voeler is natuurlijk een grote luxe maar erg betrouwbaar.

Verse lucht of niet?

Het zal wel altijd een eeuwige diskussie blijven tussen de voor- en tegenstanders van extra beluchting. In bakken met weinig planten en veel vissen zal het ongetwijfeld onmisbaar zijn en is een goede luchtpomp een garantie om zuurstofgebrek te bannen. Voorstanders van een dichtbeplant aquarium (met weinig vissen) hebben bedenkingen bij het feit dat een sterke doorluchting alle CO2 uit het water verdrijft. Die CO2 is nu net nodig als bemesting voor de planten, vandaar dat die voorstanders zelfs extra bemesten met CO2. Eigenlijk kan je zoiets vermijden door niet te doorluchten.

Aanmelden