Text Size

Aquaristiek

Aquaristiek.
Door Pol Dauwe, Aquarianen Gent.

Wanneer men heden ten dage in een aquariumzaak rondwandelt, is het ongelofelijk wat men daar allemaal ziet op gebied van techniek en mogelijkheden. Men vindt er allerlei randapparatuur, medicijnen enz. Allemaal geschikt om ons aquarium en of onze vijver in optimale conditie te houden.

Jonge mensen beseffen het soms niet maar het is niet altijd zo geweest, vroeger moesten we het met veel minder doen, het was een kwestie van improviseren. Het begon eigenlijk allemaal 60 jaar geleden toen ik een snaak van 8 jaar was, mijn vriendjes en ik gingen toen nog visjes vangen in een beek in onze buurt. We speelden en zwommen er, soms in onze blote kont, wat dikwijls een "rammeling" opleverde wanneer we werden betrapt door moeder of vader.

Daarom niet getreurd, wij gingen lekker door en vingen er salamanders, kikkers, zwarte watertorren geelgerande waterkevers en allerlei andere waterdieren. Onze voorkeur ging uit naar stekelbaarsjes, prachtige grote stekelbaarsjes, je vond ze daar met honderden. Wij zochten er de grootste en de mooiste uit, vooral die met een mooie ronde buik waren in trek. Wij namen alles mee in een of ander recipiënt, in mijn geval waren dat "spekkenbokalen" (snoepbokalen) aangezien mijn ouders een bakkerij hadden en die dingen beschikbaar waren.

Je kunt je wel voorstellen dat de diertjes geen lang leven beschoren was aangezien wij niet de minste kennis bezaten van aquaristiek en bvb niet wisten dat stekelbaarsjes zuurstofrijk water nodig hebben. Wij dachten dat vissen enkel water nodig hadden en bovendien dat alle water gelijk was, je had vuil water en proper water en daarmee was de kous af. Door het feit dat we onze dieren alleen maar met broodkruimels voerden, zullen ze er meer dan waarschijnlijk darmkrampen aan over gehouden hebben.

De oplossing bestond erin bij de beek weer een nieuwe lading vissen te vangen, ik herinner mij dat we op een namiddag 300 visjes verschalkten met een netje van +/- 20 cm. Maar ik was toen ook al een beetje "aquariaan" en ik ging daar allemaal niet zo licht over, ik was er het hart van in toen mijn visjes boven dreven, ik heb er nu nog altijd de pest aan als er een van mijn vissen sterft. Mijn peter kon al het leed van zijn petekind niet meer aanzien en kwam op een goede dag naar huis met een pakje onder de arm, inhoud: een bokaal met twee goudvissen. Geloof me, dat was voor mij een hoogdag, misschien wel de definitieve start van mijn aquaristieke loopbaan, een loopbaan die vandaag nog steeds voortduurt en uitbreiding neemt.

Aanvankelijk kregen de dieren dezelfde behandeling als de stekelbaarsjes, dezelfde broodkruimels en hetzelfde water, enfin ze gingen er niet aan dood, dat was al een vooruitgang. Door de broodkruimels verzuurde het water snel maar dat was geen probleem. De ganse inhoud van de bokaal werd in een emmer gegoten en gevuld met vers water. Goed diep opgepompt, het water zo koud mogelijk, het waren tenslotte "koudwatervissen" Wij gingen ervan uit dat je die ook zo koud mogelijk diende te houden. De vissen werden vervolgens weer in de bokaal gezet, sindsdien weet ik dat goudvissen ijzersterke vissen zijn, ik zou dit nu zeker niet meer doen, ook goudvissen dienen met respect behandeld te worden.

Op een dag ontdekte ik ergens in een winkel een klein rond potje met daarop visjes getekend, dat bleek visvoer te zijn. Vanaf die dag werd afgezien van het kruimeldieet en overgeschakeld naar droogvoer. Ik denk dat die dag in de visgeschiedenis is opgetekend als het einde van de honderdjarige buikpijn of iets dergelijk, ik was in ieder geval een kleine stap voorwaarts gegaan.

Een jaar later had ik genoeg gespaard om een echt aquarium te kopen, ik meen mij nog te herinneren dat het destijds 190 BEF (4,7 EUR) koste. Ik heb het over een aquarium van ca 40 * 20 * 25 cm. Ik was zo fier als een gieter met mijn nieuw hebbeding en voortaan werd dit de woonplaats van onze goudvissen. Aan planten was er in die tijd ook geen gebrek die haalden we gewoon uit de beek; waterpest, hoornblad, eendekroos, noem maar op.

Meestal ging dat ook niet zo goed, bij gebrek aan een goede verlichting. Men zette het aquarium bij het raam zodat het na verloop van tijd stikte van de algen. We hadden wel verlichting maar nog geen TL buizen, die waren toen nog exclusief en duur, niet geschikt voor het aquarium van een kleine jongen. Op het bureau van mijn peter stond echter en bureaulamp, zoals men ze soms nog ziet in oude films; met een groen half cilindervormig kapje. Ik heb er dat lampenkapje afgeprutst en ik had mijn aquariumverlichting.

Het aquarium dat ik had aangeschaft was er eentje met metalen bodem en frame, de ruiten waren erin gezet met mastiek. In die tijd bestonden er ook volglas aquaria, jawel beste lezer, die bestonden al voor de aquaria met metalen frame. We kennen allemaal de accu van een auto, waarbij het omhulsel in kunststof is vervaardigd, vroeger werd dit uitgevoerd in glas, dat waren nu net heel geschikte bakken voor het houden van vissen. Ze bestonden in alle maten want de accu's werden voor verschillende doeleinden vervaardigd. Alleen was het glas van onzuivere kwaliteit zodat vervormingen optraden wanneer men de visjes bekeek. Anderzijds waren die bakken heel goed te onderhouden omdat ze afgeronde hoeken hadden. Er deed zich nu een ander probleem voor, een dergelijk aquarium was niet meer zo gemakkelijk op te tillen en uit te gieten als een glazen bol!
Als kleine jongen van 9 jaar had ik daar niet direct een oplossing voor, maar wie kijkt ziet! Toentertijd was het "broebelfiltkerke" in zwang, beter gekend als filter die op een membraanpompje werkt. Sommigen onder ons gebruiken het nog in hun kweekbakjes. Wij namen toen een bokaal of een ander bakje en we zetten dit even hoog als de rand van het aquarium. Met keien en filterwatten was dit rap gevuld, nu nog twee hevels, één om het water naar de filter, en één om het water terug naar het aquarium te pompen. Dit laatste ging natuurlijk niet vanzelf, zoals ik al zei heb je daar een pomp voor nodig en die had ik niet.

Een afgedankte binnenband van een vrachtwagen en een rubberdarmpje waren de oplossing. Als de band leeg was, was het liedje uitgezongen en diende je die terug op te pompen. Op die manier kan men een liter of twee per uur filteren. 's Nachts was er niemand om de band op te blazen en bijgevolg kon men ook niet filteren. Mijn ouders waren niet onbemiddeld maar ze gingen ervan uit dat, wanneer je iets wil, je daar ook iets moest voor doen. Ik spaarde mijne pree en ik deed enkele werkjes, op die manier kon ik een tijdje later een luchtpomp kopen. Had men in die tijd beweerd; dat de ganse watermassa tot 3 maal per uur door de filter moet, dan had men daar hartelijk om gelachen.

Je mag niet vergeten hoe we toen leefden, de mensen hadden gedurende de ganse week hetzelfde ondergoed aan, je begrijpt dat de vishygiëne navenant was. De tijd verstreek echter, we werden ouder en wijzer en we leerden andere mensen kennen. Zo leerde ik iemand kennen die een warmwateraquarium had, in die tijd noemde men dat zo (op het ogenblik dat ik dit artikeltje schrijf, doe ik al het mogelijke om mijn aquariums koel te houden want het is 30°C). Die benaming is zeker niet slecht gekozen als je bedenkt op welke manier het aquariumwater toen op temperatuur werd gehouden.

Bij de man in kwestie stond het aquarium op de schouw en in die schouw stond de Leuvense stoof met daarop een waterketel. Het warme water uit de ketel werd regelmatig aan het aquarium toegevoegd. Heel efficiënt, men kan er alle kanten mee uit, zowel voor warm als koud. De bewoners van het aquarium waren: Guppen(Poecilia reticulata), ik keek mijn ogen uit op al die mooie kleurrijke, dartele diertjes. Mijn besluit stond vast, ik zou ook warmwatervissen houden. De vader van die kennis had een "groot"aquarium, van 1m lang! Dat was in die tijd al heel wat, vooral met de technische middelen die er toen voorhanden waren, bedenk dat men toen ook nog niet die grote cichliden hield, die je nu regelmatig bij liefhebbers aantreft.

Ik vond het een prachtige bak met al die Xipho's, Platy's, zwarte Tetra's en Scalares. Oh, er zat ook zo'n luchtsteentje in met broebelkes, dat vonden we prachtig. Nu lachen we eens als we een duikertje in een aquarium zien staan maar vroeger werd dat anders bekeken, men had toen ook niet de beschikking over de vele planten die er nu zijn, de enige plant die men toen vond, was Vallisneria.

De goudvissen werden van de hand gedaan en we startten met een tropisch aquarium. Vissen aanschaffen was niet moeilijk, niet ver van bij ons in Sint-Amandsberg was er immers een aquariumwinkel. Ik vertelde dat we eerst geen waterpomp hadden, geen behoorlijke verlichting en verwarming, kortom we hadden niets. Bij de handelaar had ik gezien dat hij onder zijn bakken met metalen bodem een gasvlammetje had, dat verwarmde de bodem en zo ook het hele het aquarium. Dit laatste zou vandaag nog goed van pas komen voor het houden van Cryptocoryne, Dit systeem was echter levensgevaarlijk want er was geen enkele veiligheid voorhanden, indien er iets mis ging werden de vissen misschien gespaard maar ging de eigenaar dood...

Zelf heb ik dat nooit gehad, mijn ouders zagen dat niet zitten, ze hadden al visioenen van hun huis dat de lucht inging, er werd dus naar een andere oplossing gezocht. De gloeilamp was een goede methode, de glazen bol werd in het water gehangen, dat was tegelijkertijd verwarming en verlichting. Deze methode garandeerde echter geen constante temperatuur, het was ofwel te warm of te koud. Later werd de gloeilamp vervangen door een U-vormige buis, gevuld met pekel en daarin een gloeidraad, het geheel aangesloten op het net was een elektrische verwarming. Ook dit was een levensgevaarlijk systeem en bovendien oncontroleerbaar door het ontbreken van een thermostaat. De glazen buis konden we halen in het stadslaboratorium dat zich juist naast onze deur bevond.

Wie was daar de directeur? De vader van Marcel Coppens, medelid van onze vereniging, de wereld is klein... Vraag me niet wat het verbruik was van zo'n spul, ik weet wel met zekerheid te zeggen dat we een engelbewaarder nodig hadden, gezien de stommiteiten die we toen uitspookten. Bij mijn weten is daar toen nooit een ongeval mee gebeurd maar ik raad niemand aan om het te proberen. Later kwam de elektrische verwarming met verwarmingselement en thermostaat en dat probleem was ook van de baan.

Waterverversing was in die tijd een vies woord! Men ging van het idee uit dat hoe ouder het water was, hoe gezonder het werd. Onze vissen zwommen eigenlijk voortdurend in een soort nitraatoplossing. We waren telkens verwonderd dat nieuw geïntroduceerde vissen de geest gaven, nu weten we waarom dit zo was. In die tijd was het ook de bloeiperiode van de witte stip (een soort schimmelinfectie die zich uit door witte stipjes op het lichaam van de vis). Soms gebeurde het dat wanneer je twee vissen bijkocht enkele dagen later tien vissen dood waren, op deze manier was het moeilijk om een gezelschap bij elkaar te krijgen want er waren weinig medicijnen beschikbaar. Uiteindelijk bestond er wel een poeder, Halamid genaamd, dat zeer effectief was. Je kon het halen bij de apotheker maar ik weet de juiste dosering niet meer, ik weet wel nog dat het zeer nauwkeurig moest worden afgewogen. Indien je bij de dosering vergat dat je het volume van de stenen moest aftrekken van het watervolume, kon je 's anderendaags alle vissen van de wateroppervlakte scheppen. Het overkwam mij ook, de vissen waren dood maar de planten bleven onaangetast. Van je fouten moet je leren en ik begon opnieuw.

Ik had de euvele moed een aquarium op te starten van anderhalve meter lang. Ik liet het frame maken bij een plaatselijke smid en het glas kwam van een gebroken etalageruit. Samen met de man van de "warmwatervisjes" plaatste ik het glas in het frame met behulp van mastiek. Ik had in die tijd niets anders dan een "broebelfilterke" tot mijn beschikking en tot overmaat van ramp kwamen toen de eerste cichliden op de markt. Dit laatste is op zich geen ramp, ware het niet dat ik een soort had uitgekozen dat nogal ijverig in de bodem woelt, die situatie kreeg ik met mijn "broebelfilterke" moeilijk onder controle. Het waren prachtige vissen (als je ze zag zwemmen), het geheel was echter meer een vuilbak dan aquarium en op het hoogtepunt van alle ellende verhuisde het naar de zolder.

Maar eenmaal men gebeten is ...

Ondertussen had ik een potfilter en tevens een verwarming met thermostaat aangeschaft, vervolgens een aquarium van 80 cm lengte en zo was ook ik een nieuw tijdperk binnengetreden. De introductie van de Eheim-potfilter die ongeveer samen liep met die van de silicone zorgde voor een grote revolutie, ook de uitvinding van de dompelpomp is van groot belang geweest.

Vandaag zijn er qua aquariumfilters geen beperkingen meer, iedereen kan zich om het even welke filter in om het even welke maat, volume of concept aanschaffen. Het is een feit dat we kunnen beschikken over een wijde gamma van aquariumtoebehoren, er is literatuur en boven alles een mogelijkheid om aan te sluiten bij een club. Een goed clubleven houdt in dat je bevindingen kan uitwisselen met vrienden, inlichtingen kan verkrijgen en de mogelijkheid bestaat om eens te zien hoe een ander het doet.

Ondertussen ben ik de bezitter van vier zoetwater aquaria en één zeewater aquarium, iedereen die zin heeft mag een kijkje komen nemen, uiteraard na een telefoontje.

Tot conclusie wil ik stellen dat er vandaag geen enkel excuus bestaat om onze visjes niet alles te geven wat ze nodig hebben. Op die manier kunnen we hen en onszelf gelukkig maken.

Aanmelden