Text Size

Het nanoaquarium: niets nieuws onder de zon.

Het nanoaquarium: ¦niets nieuws onder de zon

Dziepie, Aquarianen Gent

We kunnen er niet meer onderuit, het wordt als het ware door onze strot geduwd, we zullen en moeten een nanoaquarium aanschaffen. De term Nano cube¢ werd een aantal jaren geleden voor het eerst door de firma Dennerle in het leven geroepen, om een nieuwe productielijn van kleine aquaria en toebehoren te introduceren.

Het woord nano is eigenlijk een voorzetsel afgeleid van het zelfstandig naamwoord nanometer. De nanometer is 10-9 meter, dus 0,000000001 meter of een miljardste meter, wat ontegensprekelijk klein is.

Het betreft kleine aquaria van 10 tot 60 l, meestal in de vorm van een kubus met speciaal daarvoor ontwikkelde randapparatuur en ander toebehoren. De nano aquaria zijn zeer geschikt voor het houden van kleine vissen en zoetwatergarnaaltjes. Het houden van zoetwatergarnalen is een nieuwe specialisatie in onze hobby en is ondertussen een echte hype geworden. Ook voor de liefhebber van zeewater is er een ruime keuze en assortiment. Het basismateriaal blijft nagenoeg hetzelfde maar wordt aangevuld met eiwitafschuimer en speciaal voor dit doel ontwikkelde belichting.

Het product Nano cubewerd een begrip en meteen werd er geschiedenis geschreven in de aquariumhobby. Vrijwel alle andere producenten van aquariums en toebehoren sprongen op dezelfde kar, het is een echte rage geworden. Grotere aquaria zijn nog steeds in, maar het nanoaquarium heeft een blijvende stek veroverd in het assortiment van de handelaar.

AA205 nano cube dennerle 2

Uiteraard is er niets nieuw onder de zon. Beginnende liefhebbers staan er niet altijd bij stil maar de kleine aquaria worden al gebruikt sinds het begin van de naoorlogse (WO II 19401945) periode van de aquariumhobby. De meeste oudere liefhebbers begonnen met kleine aquaria. Kinderen vingen stekelbaarsjes in de sloot en verzorgden die in steriliseerbokalen. Anderen kregen een klein, soms plastieken aquarium, om de goudvis in onder te brengen die ze gewonnen hadden in het schietkraam op de kermis enz. Ook guppen (Poecilia reticulata) waren in, die konden ook in kleinere aquaria worden gehuisvest.

Kleine aquaria werden ook gebruikt om nieuw aangeschafte vissen in quarantaine te plaatsen of voor het kweken met kleinere vissoorten en opbrengen van het jongbroed. Sommige liefhebbers vonden die kale bakjes met jongbroed maar niks en soms vond moeder de vrouw dat de zoveelste kom water in de living het interieur helemaal verpestte. De kleine bakjes werden ingericht en zo oogde het geheel al heel wat mooier in de huiskamer.

De volgende stap bestond erin om kleine (volwassen) visjes te verzorgen in deze relatief kleine aquaria, het kweekbakje werd een aquarium "an sich". Toen de term nanoaquarium nog niet bestond, vond je ook geen specifieke nanoapparatuur zoals we die nu kennen. Het bestaande assortiment was echter ook geschikt om kleine aquaria te voorzien van het nodige. Tot halfweg de jaren 50 werd er hoofdzakelijk gefilterd met behulp van luchtpompen (membraanpompen). Later werd de eerste potfilter geïntroduceerd door de firma Eheim en dat was meteen de start van filteraandrijving door een centrifugaalpomp. Deze nieuwe generatie filters maakte het mogelijk om grotere aquaria te onderhouden.

Vanaf de jaren 60 ging men steeds grotere aquaria verzorgen, mede door de opmars van de cichlide, een ander modeverschijnsel dat toen zijn intrede deed. Deze meestal grotere soorten eisten een zuurstofrijk milieu dat enkel kon verwezenlijkt worden door een grotere filtercapaciteit. Aquaria met grote populaties Malawicichliden waren toen in.

De meeste liefhebbers waren echter genoodzaakt om kleinere bakken te houden omdat de portemonnee, het houden van grotere exemplaren niet toeliet. Een aquarium van 1,20 m was toen enorm maar ook een enorme investering! Voedsel bestond er toen ook al in alle maten en gewichten, kortom het houden van kleine aquaria was toen heel gewoon.

De wedergeboorte van het kleine aquarium is een mooie en interessante evolutie in het aquaristieke gebeuren. De aquariumhobby was de laatste jaren in een neergaande spiraal terecht gekomen, er waren minder liefhebbers en veel aquariumzaken sloten hun deuren. Met de opkomst van het nano quarium leeft onze hobby terug. Het is een veelbesproken onderwerp in de literatuur, elke aquariumvereniging heeft nano liefhebbers in zijn rangen en de fora op het internet staan er bol van. De aquariumproducenten bestoken ons dagelijks met publiciteitscampagnes, kortom we kunnen er niet meer naast kijken.

AA205 Dennerle nanocube
AA205 Dennerle nanocube 3

Verzorging.

Hieronder enkele weetjes voor de nano zoetwater liefhebber.

De soorten vissen en planten die we in het nano aquarium houden zijn beperkt, een maanvis houden we niet in een bakje van 20 l. Een Echinodorus zwaardplant (Amazonezwaardplant of Echinodorus amazonicus) is al evenmin geschikt om in onze kleine bakjes te houden.

We zullen onze toevlucht moeten nemen tot kleinere planten en vissen. Het assortiment is echter ruim, temeer omdat we er ook zoetwater garnaaltjes kunnen in huisvesten. Rasborasoorten(tegenwoordig borara) bestaan in alle maten en gewichten. Voor onze kleine aquaria zijn de zogenaamde microBorara uiterst geschikt. Ook Daniosoorten komen in aanmerking, de Chinese danio (Tanichthys albonubes) of Danio choprae zijn geknipt voor onze nanobakjes.

AA205 Rasbora-galaxy-1

AA205 Boraras maculatus

AA205 boraras_briggitae_1a_fr_lq

AA205 Boraras urophthalmoides 01

 

Bij de familie van de karperzalmpjes vinden we eveneens geschikte kandidaten, denken we maar aan de Hyphessobrycon amandae (het amandelzalmpje) of Nannostomus eques Verder komen ook de meeste killyvissen in aanmerking en niet te vergeten, de vele varianten van de uit Australië afkomstigePseudomugil. Als bodembewoners kunnen we kiezen voor kleine Corydorassoorten (Corydoras pygmaeus, C. hastatus enz.) Al de hierboven aangehaalde soorten worden niet groter dan 4 cm. (potloodvisje) enz.

AA205 nannostomus_eques_4

De meeste zoetwater garnalen zijn niet groter dan 3 cm en zijn een ware streling voor het oog, zij horen eigenlijk enkel thuis in het nano aquarium, in grotere aquaria krijgen we ze nauwelijks te zien.

Voor het beplanten van onze bakken kunnen we kiezen uit talrijke klein blijvende plantensoorten, het betreft veelal planten die we in onze grote bakken als voorgrondbeplanting gebruiken. Klein blijvende Vallisneriasoorten komen ook in aanmerking. Stengelplanten zullen we intijds moeten stekken. Enkele voorbeelden; Echinodorus tenellus (kleinblijvende zwaardplant), kleine Cryptocorynesoorten, Javavaren, enz.

Verder bestaan er talrijke mossoorten, waaronder het gekende Javamos. Samen met de opkomst van het zoetwatergarnaaltje werden een aantal nieuwe mossoorten geïntroduceerd. Door het werken met achtergronden, kienhoutpartijen en of stenen kunnen we prachtige juweeltjes creëren. Voorbeelden zijn legio op het internet en in de literatuur.

Onderhoud.

Het onderhoud van het nanoaquarium is op zich niet erg verschillend met dat van grotere aquaria. Ook hier zal men regelmatig water moeten verversen en zal men de waterwaarden in het oog dienen te houden.

De ervaren liefhebber weet echter dat de waterwaarden bij de waterverversing drastisch kunnen veranderen, voorzichtigheid is geboden! Bruuske waterverversingen kunnen pH, hardheid en temperatuur danig doen schommelen met vissterfte als gevolg.

Wij moeten er dus op letten om steeds te verversen met water dat dezelfde pH en hardheidswaarden heeft als het water dat al in ons aquarium aanwezig is. Ook zullen wij geen koud water in onze verwarmde bakjes gieten. Vooral de kleine zoetwatergarnaaltjes kunnen niet tegen al te grote temperatuurschommelingen.

Het filteren gebeurt over filters met kleinere capaciteit dan deze gebruikt bij grotere aquaria, potfilters zijn hier uitgesloten wegens te groot debiet. Er is keuze tussen hangfilters en binnenfilters. Ze worden uitgevoerd met luchtaandrijving of met centrifugaalpompen. De binnenfilters op luchtaandrijving hebben minder debiet en zijn daardoor zeer efficiênt maar nemen veel plaats in van ons toch al klein aquarium. Binnenfilters met centrifugaalpompen die bepaalde merken in hun totaalpakket meeleveren, geven meestal teveel debiet ten opzichte van de het kleine volume van filtermateriaal. De beste oplossing is volgens mij een hangfilter aangedreven met een centrifugaalpompje omdat dergelijk filter meer filtermateriaal kan bevatten, de doorstroming over het filtermateriaal verloopt trager en zodoende efficiênter en het geheel neemt geen ruimte in beslag van het aquarium.

AA205 Buitenfilter

Voor de belichting gebruiken we meestal de armaturen die speciaal voor het nano aquarium zijn ontworpen. De lichtbron is veelal een spaarlamp van 9, 11, of 26 Watt. De beste resultaten voor de planten bereiken we met lampen van 5600 Kelvin, wit licht of daglichtsimulatie. Er zijn ook alternatieven, zo gebruik ik ook bureaulampen met halogeenlampjes, deze genereren meer geel licht maar geven toch een goed resultaat met de planten. Een andere mogelijkheid is LED-verlichting, hier zijn de mogelijkheden ook legio. Het oogt mooi en de planten varen er wel bij. Deze lampen verbruiken amper 3 Watt.

Toch even vermelden dat sommige LED-armaturen worden bediend met knopjes en soms niet kunnen in- of uitgeschakeld worden met een timer. Hou er dan rekening mee dat je elke dag op hetzelfde uur handmatig de lamp moet in- en uitschakelen, ook niet erg handig als je voor enkele dagen op reis gaat.

De verwarming gebeurt meestal met de klassieke glazen verwarmingselementen. Het betreft de kortere exemplaren van 10 en 25 Watt.

Bemesting.

De bemesting van de waterplanten kan bijgestuurd worden met verschillende methodes. Ik gebruik meestal kleitabletten. IJzerbemesting is eveneens mogelijk maar opletten met de dosering! Sommigen kiezen voor een voedingsbodem en men kan ook CO2-bemesting aanwenden. Voor dat laatste zijn er speciaal ontworpen kleine installaties. De vraag is echter of dat wel nodig is. Aan de voor het nano aquarium ontworpen CO2-installaties hangt meestal een prijskaartje van meer dan 100 euro startkapitaal. AA205 nano co2

Voeding.

Hier is het ganse traditionele voedingsaanbod geschikt, uiteraard zullen we geen grote vlokken of groot ingevroren diepvriesvoer geven. Er bestaat een heel gamma voedingsproducten, gespecialiseerd voor de nanoaquaristiek. Persoonlijk gebruik ik hetzelfde droogvoer en diepvriesvoer dat ik voor de nanocultuur aan mijn vissen gaf. De garnalen eten hetzelfde voedsel waarmee ik de vissen voeder. De aquariumliefhebber die is gespecialiseerd in het houden van garnalen heeft daar waarschijnlijk een andere mening over, maar de garnalen die ik tot hiertoe hield deden het uitstekend.

Conclusie.

Het nanoaquarium is een fantastische nieuwe uitdaging, zowel voor liefhebber als producent. De liefhebber heeft een ruime keuze aan materiaal, vissen en planten. Wees echter verstandig en selectief bij de aankoop, geef niet onnodig veel geld uit. De grote concurrentie onder de producenten maakt het mogelijk om degelijke producten aan een betaalbaar bedrag te kopen. Nanozand, nanobodembemesting, nanothermometers en nanovoeding vind ik iets te veel van het goede, maar goed ieder zijn meug.

Het onderhoud is iets moeilijker dan bij grote aquaria, vanwege het gevaar voor grote schommelingen in waterwaarden, de basisprincipes blijven echter dezelfde. Zorg dat je goed gedocumenteerd bent vooraleer je begint, ga ten rade bij de ervaren liefhebber.

Veel succes!

 

Aanmelden