Text Size

Verwarming

Verwarming
door Erik Lievens, clubblad Maart.'97.

thermostaat.gif Om het koude leidingwater op tropische temperaturen tussen 24° en 30°C te brengen moet het water verwarmd worden en de temperatuur gehandhaafd blijven. Hiervoor hebben wij een verwarmer en een regelaar nodig. Veel apparaten bezitten beide functies, deze noemen wij thermostaatverwarmingen. Warmte moet gelijkmatig over de inhoud van het aquarium verdeeld worden. Vissen die door zones van verschillende temperaturen moeten zwemmen, kunnen hierdoor schade ondervinden. Er zijn verschillende soorten warmtebronnen in de handel te verkrijgen.

De thermostaatverwarmingen, "combiné's" in de volksmond, zijn uit glas vervaardigd en moeten ten allen tijde ondergedompeld blijven in water, zoniet springen ze kapot, met alle gevolgen van dien.

Nadeel van deze bimetaal-thermostaten is dat de bimetaaltjes soms blijven kleven. Deze zijn gebaseerd op de verschillende uitzettings-coëfficiënten van metalen. Er kan echter metaalmoeheid voorkomen, waardoor de verwarming niet meer uitgeschakeld wordt, met als gevolg dat onze visjes worden gekookt. Onklaar geraakte thermostaten niet herstellen. De prijs is niet zo hoog, koop liever een nieuwe, er komen anders toch vodden van. (n.v.d.r. eventueel op maximum zetten en afzonderlijke thermostaat op aansluiten). Het is aan te bevelen de thermostaat en de verwarmer van elkaar gescheiden te houden. Men plaatst dan de thermostaat zover mogelijk van het verwarmingsapparaat, zo bekomt men een gelijkmatige verwarming.

Bodemverwarming door verwarmingskabels. De mantels van deze kabels moeten van uitstekende kwaliteit zijn en mogen niet doorgebeten kunnen worden door bepaalde vissoorten die in de bodem woelen.

Nadeel; wat als het systeem defekt geraakt ?

Voordelen:

  1. De wortels van de planten hebben nooit koude voeten.
  2. Onze vissen kunnen zich hieraan niet verbranden. Het gebeurt niet zelden dat een vis zich klem zwemt tussen de ruit en een glazen verwarmingselement, met als gevolg dat hij als het ware "gegrild" wordt.

Er zijn ook verwarmingssystemen buiten het aquarium:

  1. Verwerkt in de filter.
  2. Apparaat aangedreven door een elektrisch aangedreven pomp voorzien van een minifilter met een aparte kamer en een zelfregelende elektronische verwarming van 65 Watt, uitgerust met een ingegoten regelautomaat.

Welk vermogen moet onze verwarmer hebben?

De temperatuur van het water past zich aan aan de omgevingstemperatuur: enkel de warmte erboven moet verkregen worden. Zo zal een aquarium van 200 liter inhoud waarvan we het water met een 5-tal graden willen verhogen, genoeg hebben aan een verwarmingselement van 52 Watt. Men kan aannemen dat bij 5 liter water, 10 Watt nodig is. Overdrijf niet met het vermogen van uw verwarmingsapparaten. Een zware verwarming verbruikt veel stroom, waardoor een grotere vonkvorming kan voorkomen en de contactpunten sneller kunnen verbranden. Bij een verwarmingscapaciteit van 1 Watt per liter, hebben we 10 tot 20 schakelimpulsen. Bij een juist berekende verwarming van 0,3 Watt tot 0,5 Watt hebben we slechts 5 tot 10 impulsen, wat betekent dat ons bimetaal een dubbele levensduur zal hebben. Een intensieve verwarming brengt een sneller vastkleven met zich mee.

Veiligheid

  • Altijd opletten met elektrische apparaten in de nabijheid van water. Zorg dat het uiteinde van een glazen verwarmer niet in kontakt komt met de bodem, dit kan oververhitting veroorzaken en het stukspringen van het glas veroorzaken, waardoor het water onder stroom komt te staan.
  • Geen paniek als de elektriciteit eens uitvalt. Het water mag dan al eens afkoelen, dit zal slechts heel geleidelijk gebeuren. In de natuur is dit immers ook zo na een fikse regenbui. U zou schrikken welke temperatuurverschillen er kunnen voorkomen in de tropen tussen dag en nacht.
  • Bij velen heerst de opvatting dat de temperatuur van het water een dag- en nachtritme zou moeten volgen. Dit is niet volledig juist. De luchttemperatuur kan wel schommelen maar hetzelfde geldt veel minder voor het aquariumwater. Een lucht- temperatuurverschil van 10°C veroorzaakt in rustig water slechts een aquariumwater-temperatuurverschil van 2°C op een diepte van 10 cm; bij 30 cm is dit nihil.

Het is van het grootste belang dat we dagelijks de temperatuur van het water aflezen via een goede geijkte thermometer. Er zijn veel thermometertjes op de markt waarin eenvoudig een rolletje papier is geschoven met een graadverdeling, deze papiertjes kunnen verschuiven, wat een correcte temperatuuraflezing onmogelijk maakt. Men kan ook als een chef kok, zijn vinger in het water steken en op het gevoel voortgaan, wat uiteraard ook maar een oppervlakkige benadering is. Er zijn zelfs thermometers op de markt die tot -100°C gaan. Is het misschien de bedoeling een diepvriesmaaltijd te bereiden ?

Een moderne uitvoering zijn de elektronische thermostaten. Deze berusten op de gevoeligheid van een halfgeleider die als een sonde ter grootte van een lucifer in het aquarium wordt gehangen. Het nieuwe van dergelijke elektronische thermostaten bestaat hierin, dat de warmte wordt geregeld naar de behoefte van het moment. Als de temperatuur ook maar iets onder de ingestelde waarde daalt, wordt het toestel slechts met een fractie van zijn nominaal vermogen ingeschakeld. Pas als het temperatuurverschil 10°C of meer bedraagt, wordt het volle vermogen gegeven. Voorkeur hebben de apparaten die zijn uitgerust met een aarding. Als er een defect is, zal de verliesstroomschakelaar uitschakelen en zullen ook andere elektrische apparaten aangesloten op dezelfde kring niet meer werken. Gebruiken we daarentegen toestellen zonder aarding, dan zal heel het aquarium onder spanning komen te staan.

Het is ook aan te bevelen gebruik te maken van de warmte die afgegeven wordt door de ballasten van onze verlichtingsarmaturen. Door deze te plaatsen onder het aquarium zal dit zeker energiebesparend werken. Als er meerdere aquaria in éénzelfde ruimte staan opgesteld, is het het voordeligst om de ruimte zelf te verwarmen. Bakken met vissen die een hogere temperatuur verlangen plaatst men bovenaan. Nadeel: dergelijke verwarmde ruimtes zijn niet zo aangenaam voor de mensen.

Houdt uw vissen niet te warm. Bij te hoge temperaturen zullen onze vissen lui worden. Willen wij bij ziekten de temperatuur opdrijven, dan zal men bij te hoog ingestelde waarden slechts weinig speling hebben om nog te verhogen. Het is toch niet de bedoeling onze vissen te koken !
(n.v.d.r.: Te hoge temperaturen zijn ook voor de meeste aquariumplanten schadelijk zoniet dodelijk)

Aanmelden