Text Size

Pseudoepiplaty annulatus

Pseudoepiplaty annulatus

Haeck Pierre, Aquarianen Gent
 

Pseudepiplatys annulatus 02

Pseudepiplatys annulatus 01

Weerom een prachtig visje en dit keer niet uit mijn lievelingscontinent maar uit West-Afrika, een continent waar ik meer en meer belangstelling begin voor te krijgen. De herkomst van dit kleinood situeert zich in Guinea, Sierra Leone en Liberia, voornamelijk in beschaduwde, stilstaande plassen en in kleine, langzaam stromende beken. Er zouden drie varië«teiten bekend zijn nl. Kalente, Mobashi en Monrovia wat eveneens de verschillende vindplaatsen zijn. Het verschil in deze streams uit zich vooral in de lichte kleurverschillen van de visjes.

Het visje is voor het eerst ingevoerd in Belgiê (eindelijk hebben wij ook eens een primeur) in 1955. Niettegenstaande het al in 1915 ontdekt was door Boulenger die het beschreef als Hapocheilus annulatus. Vervolgens werd het beschreven als Epiplatys annulatus, dan als Panchax annulatus, dan als Aplocheilus annulatus en tegenwoordig als Pseudoepiplatys annulatus. Wat ook zijn naam is, het blijft een schitterende klein blijvende killi. Ja, het is een killi. Maar, ze leven een stuk langer dan hun neefjes de Aphyosemions. Met de juiste verzorging kunnen ze tot 3 jaar leven.

Bij mij zitten deze in een nano-aquarium (in normale taal: een klein bakje). De afmetingen van dit bakje zijn 45*13*30 cm dus een inhoud van 17,5 liter. Achter het bakje staat wel een open biofilter met dezelfde afmetingen. Een heel traag stromingspompje zorgt voor de filtering. In de filter zit enkel witte wat, blauwe mousse en een klein dotje turf.

Het bakje is natuurlijk gevuld met zuiver regenwater en heeft een hardheid van 3 à 4 pH om en bij de 5,5 en een KH van 1 à  2. Dit zijn ook de waarden waarin ze leven in de natuur. Als beplanting heb ik een flinke dot javamos, een Vallisneria en wat javavaren. De Vallisneria zorgt voor de noodzakelijke schaduw. Ze houden echt niet van het felle licht. Het zijn typische oppervlaktezwemmers, hoewel ik ze toch vrij vaak door gans bakje zie zwemmen. Ook een stuk kienhout maakt deel uit van de inrichting. De verlichting gebeurt met een spaarlamp van 9 W. Voor het aangaan van dit lampje schakelt eerst een klein 7,5 W lampje aan dat gedeeltelijk afgedekt, dit als imitatie van de zonsopgang, 's Avonds verloopt het net omgekeerd.

In de natuur voeden ze zich met kleine vliegende insecten die even op het water komen rusten of er net boven vliegen. De rakkers kunnen de kleine vliegjes feilloos uit de lucht vangen waardoor in het aquarium dekruiten ten zeerste aan te raden zijn, het zijn flinke springers. Kijk ook maar naar hun opstaand bekje en je zult direct begrijpen wat ze eten. Fruitvliegjes heb ik niet dus het is een beetje behelpen met ander voeder. Ze zitten samen met wat garnaaltjes en het droogvoer dat deze garnaaltjes krijgen heeft de neiging om een tijdje te blijven drijven en dat appreciëren ze ook. Verder geef ik soms wat gedroogde tubifex en gedroogde rode muggenlarven. Ook diepvriescyclops worden met graagte aanvaard. Levende kleine Daphnia en Artemiadan is het feest. Ik wissel heel veel af zodat ze krijgen waar ze recht op hebben.

Over hoe ze er eigenlijk uitzien heb ik nog niets verteld, maar je kunt je al een idee vormen aan de hand van de Nederlandse benaming: dwarsbandsnoekje. Het ziet er uit als een snoek maar dan wel een heel stuk kleiner. De mannetjes worden zo een 3,5 cm de vrouwtjes een stuk minder en circa 2 à  2,5 cm. Het geslachtsonderscheid is heel gemakkelijk: het mannetje is groter en heeft een prachtig gekleurde staart. Voor de rest zien ze er wel gelijkaardig uit. De banden die over hun lichaam lopen zijn donkergrijs tot chocoladebruin (fondant chocolade). De oogjes zijn schitterend azuurblauw men zou denken familie van de blauwoogjes. Een heel speciaal kenmerk van deze visjes is dat ze op de rug een kleine sterk iriserende vlek hebben. Daar mee kunnen ze gevaar van bovenaf opmerken, zeg maar een derde oog.

Op internet valt heel dikwijls te lezen dat dit visje moeilijk te houden is. Dan lees je verder wel dan hun waterwaarden helemaal niet waren wat ze zouden moeten zijn. En iemand beklaagde zich er over dat zij ze al een viertal keren aangeschaft had en telkens waren ze na een dagje dood. Tja, als men ze in een zeewateraquarium steekt dan is dit heel normaal volgens mij. Als men deze diertjes geeft wat ze in de natuur ook hebben (voor zover dat kan natuurlijk) dan scheppen deze bewoners geen enkel probleem. Waar ze zeker niet van houden, is samen gehouden worden met drukke en grotere vissen. Een speciaalaquarium is dus meer dan aangeraden. Zoals ik al vertelde, moet het geen groot aquarium zijn, een klein bakje volstaat. In een klein bakje is het natuurlijk wat moeilijker om de waterwaarden stabiel te houden maar als je een goed werkend filtertje hebt (kan ook een met lucht aangedreven hoekfilterje zijn) dan lukt het zeker.

Bij mij hebben deze visjes nog niet gekweekt maar ik denk wel dat zal lukken. De visjes zijn nog maar net volwassen, geduld is een mooie deugd. Wat ik over de kweek te weten ben gekomen; is het volgende. Het vrouwtje legt de eitjes met tussenpozen liefst in uitgekookte turfvezel. De eitjes komen uit na 12 à 15 dagen. Doordat de eitjes met tussenpozen gelegd zijn, komen deze ook met tussenposen uit. Dat is dus een probleem. Normaal gezien eten de ouders de eitjes of de larven niet op, maar de eerst uitgekomenen kunnen wel de laatst uitgekomen larven als eten beschouwen. Ook de kleine mannetjes, die groter zijn, kunnen de vrouwelijke exemplaren als aperitiefhapje aanzien. Daarom is het noodzakelijk, als je tenminste wat wil overhouden, om de grotere exemplaren uit te vangen en ze apart te zetten en ze triëen op grootte. Een handig hulpmiddel is het bekende guppybakje waarvan je de open bodem bedekt met een filtervlies. Zo kan je er een paar in je aquarium hangen. Omdat de larfjes piepklein zijn, is het ook nodig om een paar infuusflessen op te zetten. Na een paar dagen kan je dan overschakelen op heel kleine pas uitgekomen Artemia-naupliên. Als je beschikt over azijnaaltjes is dit een prachtig voer.

Dit visje wordt in de handel nauwelijks aangeboden, het is onbekend dus onbemind. Maar ik ga ze trachten te bemachtigen voor in ons viskot. De prijs zal dik meevallen. Mij ook nu niet doodschieten als ze er niet (meer) zijn. Jullie weten allemaal dat je bij ons in de club een serieus gamma aan vissen kunt bestellen, wij zullen ons uiterste best doen om ook deze visjes te bemachtigen.

Succes

Pseudepiplatys annulatus 03

Aanmelden