Text Size

Astronotus occelatus - 'Oscar'

Astronotus occelatus - Oscars
auteur : Uwe Werner - Vertaling Ferdinand Glorieux, Clubblad april 2002

EEN OSCAR VOOR EEN VEELVRAAT

U hebt zeer zeker al deze forse en toch sierlijke cichlide gezien die nieuwsgierig naar de voorruit komt zwemen om zich, zo lijkt het, te laten strelen of zijn maal uit de hand van zijn verzorger te ontvangen. Die zich op zijn beurt afvraagt terwijl hij het geld in zijn zakken ronddraait of hij zich zo een dier kan veroorloven en vooral of hij een voldoende grote bak bezit om zulke kanjers te huisvesten. Hij is zo sympathiek deze vraatzuchtige.

Deze kleine ondermaatse vis, toch een reus onder de cichlide, schittert tijdens zijn jeugd stadium in de kunst zich te vermommen. Hij is robuust en vraatzuchtig en laat zich OSCAR noemen, in zekere zin een juiste benaming. Voor de aquariaan welke niet zijn juiste identiteit kent heeft hij meer dan een goede verrassing in petto. De Ocellatus is een van de mooiste cichlide en is zijn reputatie niet van de beste dan kan hij daar zelf niets aan doen maar is het onze schuld. Doordat we vissen kopen waarvan we de eigenschappen of de vereisten welke zij stellen onvoldoende of helemaal niet kennen. Laat ons hopen dat dit niet te vaak het geval is want we hebben verplichtingen tegen deze astronaut van het zoetwater. De liefhebber welke houd van vissen van dit kaliber vindt meer en meer OSCARS in de handel want hij maakt deel uit van de meest gekende cichlide in de aquaristiek.


De tekening van een enorme bek

Een volwassen Astronotus is fors gebouwd hij heeft een hoog en groot lichaam. Een mannetje kan gemakkelijk tot een 33cm groot worden, terwijl een vrouwtje veel kleiner blijft. De kop is eerder stomp en de bek is omringd door omvangrijke en inpresionante lippen. De mondhoeken geven hem een sombere aanblik die ons doet geloven dat de mond nog groter is dan hij al reeds is. De vinnen zijn groot en sterk. De jonge OSCARS zijn, alle proporties in acht genomen, meer uitgestrekt. De aantrekkelijk gekleurde kop is eerder spits. Op een donkere ondergrond draagt hij witte, gele of rode banden klein en dicht verdeeld. Soms zijn vlekken en lijnen omzoomd door een koperrode rand. Wanneer de vis opgroeit verschijnen op de rug en rugvin enkele grote donkere vlekken omringt door een iriserende metaalkleur. Er bestaan dieren met oranje of gele punten en wormvormige lijnen op de kieuwdeksels. Men heeft exemplaren gezien in een chocolade bruin of groenachtig kleed met witte, gele of rode iriserende kleur op de onpare vinnen. Conclusie een wilde OSCAR, nog nauwelijks in onze bakken te vinden, met variabele kleuren is een zeer mooie vis. Al zins de eerste import van de Astronotus worden de dieren in aquaria nagekweekt en dank zij zijn hoge productiviteit slaagde de amateur zowel als de professionele kwekers er in om vele kleurschakeringen op basis van een doorgedreven selectie te bekomen. We kennen rode, koperen, albino en zelfs gouden OSCARS. De Aziatische kwekers van hun kant konden het niet nalaten om vissen met verlengde vinnen te kweken. Op esthetiek vlak is een vis met dergelijk zwaar lichaam en verlengde vinnen een niet zo goed geslaagde combinatie. In ieder geval zal een dier met deze levenssteil op een of andere dag met gescheurde of uitgerafelde vinnen rondzwemmen. Het gaat hier tenslotte om een cichlide die hun territorium al vechtend verdedigen en zich soms verwonden.

Hij slaapt op zijn zij
Men beschouwt de oscar als een toch meer kalmere gereserveerde vis die weinig zwemt en indien hij zich toch verplaatst dit doet op een gezapige manier. Wanneer de avond valt kiest hij een favoriete plek op om de nacht door te brengen. En hoe slapen ze? Door zich op hun zij te leggen. Welk een raar idee! Gedurende de dag houden de jongen zich op in gezelschap van broers en zussen en de volwassen in gezelschap van zijn of haar partner. Men hoort trouwens zeggen dat de OSCAR de neiging heeft om plots van kleur en humeur te veranderen. Van het een op andere moment verandert de vis van kalme rustige zwemmer in een duivel die met zijn kracht en uiterst efficiënte tanden, waarvan 6 hoektanden, vervaarlijke verwondingen kan veroorzaken. Nochtans gehouden in een speciaal aquarium goed ingericht en beplant komt dit vrijwel niet voor.
De goed aangepaste exemplaren leren vrij vlug. Deze vrij intelligente vissen observeren alles wat zich buiten hun door glas omgeven leefmilieu gebeurt. Zij herkennen altijd de leden van het gezin en komen naar de voorruit om zich door hun verzorger te laten strelen.
Als de Astronotus ocellatus een slechte reputatie heeft komt dit afgezonderd van de afmetingen meestal door zijn vraatzucht, jonge dieren van 5 à 6 cm slorpen een guppy of neon in zijn geheel op zonder te verpinken. Een liefhebber die niet op de hoogte is van deze eigenschap en zich een paar dieren aanschaft voor zijn gezelschapsbak zal verwonderd opkijken om het verdwijnen, de een na de andere, van de andere bewoners en zich ook vragen stellen van de kwantiteit van voedsel welke nodig is. Deze omnivoren vissen verorberen gelijk welk voedsel gaande van diepvries (garnalen, mosselen, runderhart, spiering...) levend (aardwormen, vliegen, sprinkhanen... ) of droogvoer (tabletten, pellets... ) Wel kent men niet de rol welke de algen en planten spelen in de voedselketen in hun natuurlijk milieu maar men moet hen ook wel soms groenvoer aanbieden. Dit kan door bijvoorbeeld gehakt runderhart vermengt met erwten zijn of spinazie.

Het regelen van de warmte naar de gedragingen welke men wenst te bekomen
Alhoewel hij afkomstig is uit wateren welke zuur en uitermate arm aan mineralen zijn past de oscar zich zeer goed aan de waterwaarden welke men hem aanbied. Hij voelt zich op zijn gemak en gaat zelfs over tot eiafzetting bij waterwaarden met een hardheid tot 30 °f, en een PH tot 7,5. Waarden welke voor hem toch vreemd zijn. Conclusie vergeet nooit het type water waarin hij in zijn natuurlijk biotoop voorkomt. De temperatuur kan variëren tussen 24 en 30°C naargelang zijn gedragingen welke de eigenaar wenst van zijn vissen te bekomen want men kan het gedrag van de vis effectief controleren door spelingen met de temperatuur. Men houd ze enigszins rustig door lagere temperaturen waar men hen eerder stimuleert onder andere voor de kweek door hogere temperaturen aan te bieden. Een goede filtering en zuurstof voorziening zijn absoluut noodzakelijk. Andere vereiste zijn de bak 1,5m is een absoluut min. Met een decor van grote stenen en een watervolume van 500 liter kan men hun een volume van 2000 liter aanbieden zal men hen niet horen klagen en wij ook niet. Hou rekening met het feit dat volwassen vissen zich met een enorme kracht kunnen en zullen verplaatsen en daarenboven houden van het graven en het verplaatsen van de bodem naar hun goeddunken zodat de inrichting aan deze krachten moet kunnen weerstaan. In het geval men planten wenst in de bak te houden moeten deze bestaan uit robuuste soorten en in het bezit zijn van een stel uit dekluiten gewassen wortels welke men dan nog liefst in een pot in de bodem onderbrengt omgeven door stenen.

Bij eiafzetting heeft hij niets te verbergen
Daar deze cichlide geen moeilijk te houden vis is gaat deze gemakkelijk over tot eiafzetting met als enig vereiste dat men over een koppel beschikt die het met elkaar goed kunnen vinden. Bij een lengte van 12 cm worden de vissen seksueel actief het is echter niet dividend om de seksen uit elkaar te houden er bestaat geen enkel verschil van beide qua kleurtekening of morfologie. Hoewel men soms in de literatuur leest dat de mannetjes een beter gemarkeerde oogvlek in de basis van de rugvin heeft heb ik deze niet kunnen opmerken. De vorming van een koppel gaat gepaard met sierlijke parades en bewegingen van de bek tegelijkertijd lichten de kleuren van beide vissen op en worden crème kleurig of grijs. De ogen stralen een intens rood uit. De voorbode van eiafzetting bestaat uit het dramatische verbouwen van de inrichting en grote verplaatsingen van de bodem. De Astronotus is een open substaat broeder. Het koppel kiest een grote platte steen of bij gebrek daaraan een boomwortel uit welke minutieus gepoetst word door beide vissen met de bek waarna het vrouwtje een paar keer met het lichaam over de plek heengaat wanneer het haar dusdanig bevalt worden de eerste eieren aan de broedplaats gekleefd waar ze door het mannetje direct woerden bevrucht. Gedurende 2 a 3 uur zijn beide vissen drukdoende met het leggen en bevruchten van 1000 tot 2000 eieren.

Bestemming veelvraat
De eieren zijn geelachtig van kleur en ondoorschijnend. Ze zijn ook zeer klein voor een cichlide van deze grootte en de ontwikkeling van embryo tot larf gaat zeer vlug. Bij een temperatuur van 30°C komen de eieren reeds uit na 48 tot 56 uren. In dit stadium hebben de larven noch mond, ogen of vinnen. Deze ontwikkelt zich de volgende 24 uur en de mondopening begint zich af te tekenen. Tot dan toe ademen de larven door haarvaten vertakt in hun friemelende staart. Vervolgens begint de werking van de kieuwen op gang te komen. Kort daarna beginnen de ogen en de neusholtes zich af te tekenen. Gedurende deze hele ontwikkeling worden de larven minutieus in de gaten gehouden. De jongen worden overgebracht in een holte uitgegraven door de ouders en worden meermaals naar andere plaatsen verplaatst. Na 5 tot 6 dagen beginnen de jongen rond te zwemmen. Dit is ook het begin van hun leven als veelvraat. Vanaf de dag van het vrij zwemmen storten ze zich hoe klein ze ook zijn op allerlei klein voedsel waaronder artemia. Na enkele dagen moet men al oppassen want het is niet uitzonderlijk dat de achtergebleven jongen de prooi vormen van hun grotere en beter ontwikkelde broers en zusters. Van veelvraten gesproken.


BRON: VERTAALD UIT: AQUARIUM MAGAZINE
Februari 1994

Aanmelden