Text Size

Tanganyikacichliden in een showaquarium

Tanganyikacichliden in een showaquarium.
door Erik Lievens, clubblad juni '97.

Tanganyika.jpg
Foto Ad Konings

Het inrichten van een aquarium voor Tanganjikacichliden vraagt veel overleg en voorbereiding. Het wordt een uitdaging om het vissenleven in het diepste meer ter wereld na te bootsen in het aquarium. Liefhebbers van deze cichlidensoorten weten dat de gedragspatronen die deze vissen vertonen uniek zijn. Territoriumvorming, kweekgedrag en broedzorg zijn maar enkele factoren van de vele anderen die ons kunnen boeien.

 

 

 

 

 

 

 

 

Hoe richten wij een aquarium voor deze groep vissen nu in?

Voor het inrichten moeten wij ons de vraag stellen: welke soorten gaan wij tentoonstellen? Zandbewoners, rots-of holenbewoners, muilbroeders? Zijn het roofvissen, zijn zij agressief ten opzichte van elkaar? Allemaal factoren die het welzijn van het leven in onze aquarium zullen uitmaken.

Stem de grootte van uw aquarium af op de grootte van uw vissen en uw vissenaantal. Zorg voor vissen die niet schuw van aard zijn. Het is zinloos een populatie te kiezen die als er iemand voor het aquarium staat,zich gaan verschuilen achter een partij stenen.

Een stel Neolamprologus leleupi, vooral het "longior" type, een koppel Neolamprologus compressiceps en als schelpbewoners een groepje Neolamprologus brevis, zal menig toeschouwer bekoren.

Als wij besluiten hier nog een koppel Neolamprologus brichardi aan toe te voegen, mogen wij niet uit het oog verliezen dat deze laatste een groot deel van het aquarium als zijn territorium gaat beschouwen. Dan gaan onze andere soorten zich tekort gedaan voelen. Ook bestaat er een grote kans dat de Neolamprologus leleupi en brichardi zich gaan beginnen kruisen (ik kan er van mee praten). Dergelijke kruisingen zijn uit den boze voor een tentoonstelling.

Een momenteel populaire groep vissen van het Tanganyikameer zijn de haringcichliden, behorend tot de groep Cyprichromis. Nadeel: ondanks hun relatief kleine lichaamsvorm, hebben zij een ruim aquarium nodig. Alleen al hun lichaamsvorm verraadt dat het heel goede zwemmers zijn. Een andere groep van vissen is de zandbewonende Tanganjikacichliden. Zij horen echter in een "speciaalaquarium" thuis waarbij wij de verhouding mannetjes-vrouwtjes, goed moeten in acht nemen. Steken wij één mannetje bij twee vrouwtjes, dan zal deze veel mooier uitkleuren.

Als wij deze zandbewonende cichliden houden is het natuurlijk nutteloos hierbij schelpbewoners te plaatsen, één van de twee zal het moeten ontgelden. Het zou mij niet verwonderen dat het deze zandbewonende cichliden zullen zijn die het onderspit moeten delven. Schelpbewoners zijn immers territoriumvormende vissen die flink van zich af kunnen bijten: klein maar dapper.

Is onze keuze van vissoorten gemaakt, dan kunnen wij beginnen met het inrichten van ons aquarium. Als het aquarium mooi pas staat op de pallets (afgedekt met een laag polystyreen (isomo)) beginnen wij met nog een laag polystyreen te plaatsen in het aquarium zelf. Deze mag gerust een dikte hebben van 15 mm, kwestie van een solide fundering te hebben voor onze rotspartijen. Plaatst u de stenen daarentegen op de zandbodem en hebt u gravende cichliden in uw aquarium zitten, dan garandeer ik u dat het geheel als een kaartenhuisje in elkaar valt.

Schik de stenen zodanig op elkaar dat zij ten opzichte van elkaar verschillende holen gaan vormen. Het geheel zal ook veel natuurlijker overkomen als u deze rotspartij tot boven het wateroppervlak laat doorlopen. Werk nooit symmetrisch en maak er geen metselverband van. Laat hier en daar een steen vooruitschieten, op deze manier zult u ook veel meer dieptezicht creëren. Als steensoorten zijn maanstenen, maaskeien en leisteen zeer geschikt. Maanstenen, met hun vele holten vormen een mooi patroon voor rots- en holenbewonende Tanganyikacichliden. Maaskeien zijn meer geschikt voor groter wordende cichliden, bijvoorbeeld de Cyphotilapia frontosa- groep.

Julidochromissoorten houden meer van verticaal gelaagde steensoorten waarvoor leisteen uitstekend geschikt is. Bij gebruik van maanstenen is het strikt noodzakelijk om deze grondig te reinigen,liefst onder hoge druk. Bij eender welke gebruikte steensoort moet ervoor gezorgd worden dat zij geen scherpe randen hebben: vissoortten van verscheidene families worden misschien wel met rust gelaten, maar soortgenoten kunnen wel eens met elkaar gaan bekvechten. Zij doorkruisen dan heel het aquarium waarbij de gedomineerde zich moet kunnen verschuilen achter een steen. Hebben de stenen scherpe randen, dan kunnen de vissen zich hieraan kwetsen.

Als bodemmateriaal gebruiken wij fijn of grof zand, al naargelang de gekozen vispopulatie. Gebruik in geen geval grint, want de meeste Tanganyikacichliden zijn verwoede gravers; het zou spijtig zijn dit specifiek graafpatroon niet te zien door een verkeerd gekozen bodemsubstraat.

Cichliden uit het Tanganyikameer houden van zuurstofrijk water met een pH van 7,5 tot 9,5 en hard water. Ons leidingwater, is afhankelijk van de streek waar men woont, zeer geschikt. Spijtig dat de kwaliteit van dit water de laatste tijd sterk is achteruitgegaan door nitraten en de toeslagstoffen die men erbij doet om het drinkbaar te houden. Zuurstof is datgene wat deze vissen nodig hebben.

Een krachtige filter, een circulatiepompje en een regelmatige waterverversing kunnen hier soelaas brengen. Wij houden de temperatuur van ons water op 23 °C tot 25 °C. Hogere temperaturen kunnen zij niet verdragen. Bij meer dan 29 °C kunnen er reeds sterfgevallen voorkomen.

Houden wij schelpbewoners dan moeten wij ook zorgen voor hun behuizing. Ideaal is natuurlijk de schelp van de Neothauma die in zijn natuurlijk leefgebied voorkomt: is te verkrijgen in gespecialiseerde aquariumzaken. De uiteraard lege slakkenhuizen van de wijngaardslak zijn evengoed geschikt. Plaats deze zodanig in het zand dat de opening gelijk komt met het vlakke zandoppervlak, zodanig dat enkel deze opening zichtbaar blijft. Plaats ook voldoende van deze slakkenhuizen, min. 3 per vis, zodanig dat zij hun territorium kunnen uitkiezen.

Als onze technische apparatuur, onze stenen en onze zandbodem geplaatst zijn kunnen wij ons aquarium vullen met water. Bij voorkeur 2/3 met goed aquariumwater van een liefhebber die ook Tanganjikacichliden houdt, of indien mogelijk nog beter water uit uw eigen aquarium en 1/3 vers leidingwater. Hoewel het Tanganyikameer weinig of geen planten in haar biotoop staan heeft, kunnen in ons aquarium wel enkele plantensoorten ondergebracht worden, onder andere:

Vallisneria, Anubia en Ceratophyllum (hoornblad). Het menselijk oog wil ook iets. Als het geheel klaar is laat men dit enige dagen draaien zonder een vis erin. Is na een paar watermetingen van NO2, pH en GH het water goed bevonden, dan is de tijd gekomen om het aquarium te bevolken.

Een ruim aquarium, een goede zuurstofvoorziening, een aangepaste zandbodem en een goed uitgebalanceerd vissenbestand vormen de factoren die het succes van uw tentoongesteld aquarium zullen uitmaken.

Zorg dat het publiek gefascineerd wordt door Uw aquarium !

Aanmelden