Text Size

Pterophyllum scalare

Pterophyllum scalare
Koning van het zoetwateraquarium
Originele tekst: Catherine David - Vertaling: Jan De Bie, Clubblad oktober 97.

Deze ooit als banaal bestempelde, maar altijd al zo verspreide bewoner in onze aquaria, de scalare, hoeft niet meer te worden voorgesteld. Zijn adellijke titel, die echter maar weinig gebruikt wordt, is Pterophyllum scalare. Sedert bijna een eeuw al is de voorliefde voor deze schitterende tropische vis nooit bekoeld, en niet zonder reden: hij maakt neofieten zowel als gevestigde aquariumliefhebbers gelukkig.

Nochtans hebben de soorten die we tegenwoordig op de markt aantreffen, niets meer te maken met de authentieke scalare van de voorgaande generaties. De hedendaagse variëteiten, die steeds talrijker en rasonzuiverder worden, vervreemden zich steeds meer van het oertype. Ze mogen dan al aan schoonheid en elegantie gewonnen hebben, hun robuustheid en voortplantingsvermogen zijn er op achteruit gegaan. Het is te betreuren dat nagenoeg alle verkochte scalares uit intensieve Tsjechische of Oost-Aziatische kwekerijen komen, en dat ondanks inspanningen van Franse kwekers. Om tot optimale rendabiliteit en een concurrentiële prijs te komen, worden de gulden regels voor een kwalitatief hoge kweekselectie van de pootvis, hygiëne, enz. - overboord gegooid.

Pterophyllum_scalare.JPG

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Als echter de vraag naar gezonde, in Frankrijk gekweekte scalares toeneemt, waarom dan niet overwegen om een label in het leven te roepen? Men zou op die manier tot een nog meer toereikende beleving van de aquaristiek komen. In afwachting is het raadzaam om de dialoog met uw verkoper op gang te brengen, evenals het vruchtbare uitwisselen van gedachten tussen aquarianen op clubvergaderingen.

In het wild is Pterophyllum scalare enkel in Zuid-Amerika te vinden, meer bepaald in het stroomgebied van de Amazone. Men treft hem aan langs de door vegetatie overwoekerde oevers: rietvelden, wortels, onderwaterplanten. Soms is hij te vinden in gezelschap van andere cichliden, waarvan een ook heel majestueus is: de discus. Jawel, de scalare is een cichlide. Hij behoort tot die immense familie die er prat kan op gaan onder haar leden de mooiste en meest fascinerende zoetwatervissen te hebben. Men heeft de gewoonte genomen binnen deze familie - en vanuit strikt aquaristiek oogpunt - de soorten te klasseren volgens voortplantingsmethode. De scalare maakt, net als zijn soortgenoot de discus, deel uit van de open substraatbroeders.

Een driehoekige vis ... uitgevonden door Moeder Natuur

Laten we ons toespitsen op zijn fysische eigenschappen die hem de titel van koning van het zoetwateraquarium bezorgen. Zijn heel platte driehoekige lichaam, verticaal verlengd door de zeer uitgerekte rugvin en buikvinnen, geven hem al zijn elegantie. Zijn buikvinnen, die tot lange voeldraden geëvolueerd zijn, stellen hem in staat het reliëf van de bodem te voelen en verlenen hem heel wat waardigheid. Net zoals zijn staartvin, die het meestal afgerond is en soms in de vorm van een lier voorkomt. Deze eigenschappen zijn de gemeenschappelijke noemer van de soort Pterophyllum scalare.

Helemaal anders zit het met de kleuren. Er zijn immers een oneindig aantal nuances in lichaamskleuren, zodat het moeilijk is er een volledige lijst van op te maken. We sommen de meest courante ervan op: gestreept, marmerachtig, wit, glanzend, luipaard, zwart, half-zwart, met gele kop, enz.

Kwekers zijn er eveneens in geslaagd sluier- en halfsluiervariëteiten te selecteren, evenals rassen waarvan het hele kleine lichaam versierd is met heel lang, tot immense sluiers uitgerafelde vinnen.

Vergeet niet dat deze charmante miniatuurvisjes, die in de kleinhandel verkocht worden op een grootte van enkele cm, uitgroeien tot heel prachtige vissen van zo'n 15 cm en soms 20 cm. Het zou verkeerd zijn ze in een kleine bak te houden. Een aquarium van 50 cm hoog is een minimum, zoniet stelt u uw scalares bloot aan infecties van de buikvinnen door voortdurende wrijvingen tegen de bodem. Verder worden de verschillen in geslacht pas zichtbaar als ze volwassen zijn en dan nog vooral tijdens de voortplantingsperiode en moet men ze in groepjes van 5 of 6 exemplaren houden, om meer kans te hebben op een gemengde populatie.

Ruimte genoeg voorzien dus! Een volume van 300 liter is een minimum. Op die manier zult u uw scalares in nagenoeg alle rust kunnen zien evolueren, want dit nonchalante uiterlijk verbergt een heilig karakter dat sommige van hun Afrikaanse neef-cichliden niets misgunt.

In het begin gaat alles goed. Uiteraard hebt u van uw kant niets aan het toeval overgelaten: grote bak, kleine bevolking van 6 jonge vissen, mooie beplanting, enz. Naarmate ze groeien, beginnen de karakters zich echter af te tekenen. Verscheidene dominante scalares strijden om de hogere zones. Dit bemerkt men in het bijzonder tijdens het voeren. Bekvechten, kopstoten en andere vertoningen volgen elkaar op, zelden gemeen, maar vooral intimiderend.

Zodra een soortgenoot een ingenomen of begeerd territorium nadert, beginnen dezelfde gevechtsrituelen. Na een schermutseling is het chaos in het aquarium, terwijl de andere bewoners van het aquarium er rustig bij blijven, want de scalare is geen agressieve vis. Hij leeft gemakkelijk samen met andere soorten, maar binnen de perken van het redelijke: een mooie volwassen vis van 15 cm zal een pas bijgeplaatste cardinalis van 1 cm gauw tot zijn hapje maken. Zonder verdere slechte gedachten, hij zal het visje enkel voor levend voer gehouden hebben! Als men ze dus vanaf hun prilste leeftijd samenbrengt, zullen ze ook samen in alle harmonie groot worden.

Oplettende ouders

En op een mooie dag zijn twee scalares niet meer van elkaar weg te slaan. Ze zwemmen in koppel, met hun borstvinnen maken ze een toekomstige broedplaats schoon. Dat kan een ruit, een plant of een steen zijn. Op dat moment bestaat één methode erin de andere scalares te verwijderen, liever dan het paartje in een "kale" bak zonder planten of ander decor te plaatsen. Maar het is een kwestie van methode. De verschillende kweektechnieken met scalares hebben al heel wat inkt doen vloeien. Er is niet één, maar verscheidene werkwijzen, al naar gelang van het beoogde doel. In het geval dat u het zoekt in de kwantiteit en u wil zoveel mogelijk pootvis laten overleven, dan raden we aan om het koppeltje in een specifieke bak te steken en het broedsel soms koelweg van de ouders weg te nemen. Of om de ouders zelf weg te nemen als ze het verdomde idee hebben gehad om op een ruit van het aquarium af te zetten !

In ieder geval hebt u alle tijd om van alles uit te proberen en de techniek te kiezen die u het beste past, want zodra de vissen geslachtsrijp zijn, volgen de broedsels elkaar snel op. Op die manier kan men verscheidene generaties onder hetzelfde "dak" zien opgroeien.

Ook kan men er voor kiezen om de scalares zich louter voor het plezier in de gezelschapsbak te laten voortplanten, zodat men kan genieten van het spektakel van jongen en ouders samen in een natuurlijk kader te zien rondzwemmen. In dit geval is het heel normaal dat een dominant mannetje achtereenvolgens met verscheidene wijfjes paart. Waarmee hij de legende van het voor het leven verenigd koppeltje naar het rijk der fabelen verwijst.

Voor de paringskandidaten bestaat de eerste stap in het kiezen van een ideaal substraat en de schoonmaak ervan. Daarna legt het wijfje, gemakkelijk herkenbaar aan haar rondvormige en naar de staartvin gerichte genitaalopening, op de door haar gekozen plaats haar zeer goed aan elkaar klevende eitjes. Het mannetje, met ovale en naar de kop gerichte genitaalopening, bevrucht daarna de eitjes met zijn hom.

In het beste geval zal het koppeltje zich intensief met de kroost bezighouden. Met behulp van de borstvinnen ventileren ze beiden de kroost om een optimale verluchting te verzekeren. De niet-bevruchte eitjes die ondoorschijnend geworden zijn, nemen ze weg en indringers die het riskeren zich aan de kroost te goed te doen, jagen ze weg.

Soms echter zijn er ouders die niet eens naar de kroost omzien of hem zelfs opeten. In zo'n geval moet men wachten tot er verscheidene broedsels zijn, zodat de ouders zich kunnen inleven in de complexe mechanismen van de zorg voor de eitjes en later de pootvis. Als dit afwijkend gedrag aanhoudt, is er geen andere oplossing dan het broedsel af te zonderen. In afwezigheid van de ouders gebeurt de ventilatie door een kleine sproeier. Het toevoegen van een schimmelbestrijdend product (methyleenblauw) beperkt het risico op schimmels. Deze gedragingen zijn dikwijls aan verbasteringen toe te schrijven.

De eitjes breken na 48 tot 72 u uit, naargelang van de temperatuur in het aquarium. Een van de ouders houdt zich met de pasgeborenen bezig en verplaatst ze permanent, terwijl de ander de wacht houdt om eventuele roofdieren af te schrikken. Zes dagen later wijst de verdwenen dooierzak er op dat de pootvis klaar zijn voor hun eerste artemianaupliën. Een 15-tal dagen later kan men het menu gaan variëren met fijngewreven vlokken en fijngehakte larven. Dank zij een overvloedige en gevarieerde voeding worden de nakomelingen al gauw jonge vissen die met hun ouders een schitterend spektakel vormen in het aquarium !

Groen en levend voedsel op het menu

Omdat de scalare een omnivoor is, mag men niet vergeten hem naast de vleesvoeding ook een plantaardig menu toe te dienen. Doet u dit niet, dan zal hij zichzelf wel aan de aquariumbeplanting bedienen !

Voor een gevarieerd menu kan men hem een mengeling van artemia, vis en spinazie geven. Levende daphnia's en af en toe muggenlarven doorbreken het alledaagse menu. Droogvoer eten ze gemakkelijk, maar maak er geen gewoonte van. Ook opletten voor te veel vers de vase. De scalares proppen er zich werkelijk mee vol en men zou er enkel dodelijke indigesties mee in de hand werken.

Door er voor te zorgen dat men gezonde exemplaren in huis haalt en door hun misvormde afstammelingen te elimineren, zult u geen problemen hebben. Scalares zijn relatief robuuste vissen. Niettemin opletten voor bloedverwantschappen! Misvormde scalares, of scalares met maar één buikvin of de twee verminkt, zijn het produkt van een foutief kweken, niet van ziekte. Ik heb bij sommige kleinhandelaars zelfs al scalares zonder buikvinnen gezien !

Bij perioden komen in de aquariumhandel volle ladingen scalares die getroffen zijn door een quasi ongeneeslijk fenomeen van rottende vinnen. Deze kan men behandelen door antibioticabaden, maar dat ligt niet in eenieders mogelijkheden. Men moet overhaaste aankopen vermijden en aan de verkoper volledige informatie vragen. Zo zal men bij onze kleinhandelaars de mooie gezonde scalares terugvinden waarvan de pioniers van de tropische aquaristiek de trotse bezitters geweest zijn.

Het typische Scalares-aquarium

Het beste is om zich te laten inspireren door zijn natuurlijk milieu: de oevers van een rivier in het Amazonegebied.

Voor een bak van gelijmd glas van 150 x 40 x 50 cm moet men een goed filtersysteem voorzien, met een debiet van ongeveer twee maal het volume van de bak per uur.

Voor wat het decor betreft, is een donker en niet te hard substraat - voor de kwetsbare buikvinnen van de scalares - onontbeerlijk. Het zand van de Loire (FR) heeft al die eigenschappen. Als u een belangrijke beplanting wil aanbrengen, moet onder het zand een stevige voedingsbodem komen.

Om het natuurlijk milieu van onze gast na te bootsen, kan men ook grote veenwortels aanbrengen die men vooraf in een bassin of een bak heeft laten weken, waarbij men het water dikwijls ververst heeft. Men kan tegen de achterwand eveneens rotsblokken imiteren in samengestelde materialen, zoals polyurethaan, hars, enz. Dit is minder gevaarlijk dan het opeenstapelen van stenen, wat een instorting tegen een verticale ruit kan veroorzaken.

Enkele zones worden met grote Echinodorus en Vallisneria beplant. Varens van het type Microsorium of Bolbitis, die, tussen stenen en veenwortels geplaatst, voor een aardig effect zorgen, mogen zeker niet vergeten worden. Men kan eveneens de aanleg van een rietpartij overwegen. Dit soort decor heeft altijd veel succes in een bak met scalares. Uiteraard moet men de bamboerietjes met een niet giftig hars bestrijken om ontbinding te voorkomen.

In dergelijke bak kan u een groepje van 5 of 6 scalares houden, vergezeld van een twintigtal kleine zalmachtigen naar keuze. Enkele bijlzalmen aan het wateroppervlak (Gasteropelecus levis of Carnegiella strigata) en één of twee soorten dwergcichliden zijn eveneens welkom. U kan er nog een school Corydoras bijvoegen, maar opgepast voor het substraat als die met aarde verwerkt is of in terrassen ingericht is. Er kunnen ook nog 2 of 3 Epalzeorhynchus siamensis bij, die "grazen" de algen af. Die halen geen reusachtige afmetingen, ze vallen geen andere soorten aan en zijn aangenaam om naar te kijken. Men kan zich afvragen waarom deze niet geliefder zijn in verhouding tot andere algeneters.

Aanmelden