Text Size

De stekelrog

Potamotrygon laticeps
door William Boucqué, clubblad oktober 2000

De kroon op mijn aquaristische ervaringen!

't Ja, in mijn "bakje" zwemmen vreemde snuiters rond, van bizarre oppervlakte bewoners, zoals de "Zwarte Arowana", tot lugubere bodemcreaturen; waarvan de Potamotrygon laticeps er één is, een stekelrog uit de prachtige Amazone en omstreken. Vele mensen zullen nog nooit gehoord hebben van dit rare unicum, laat staan al gezien hebben. Anderen zullen zich afvragen of het wel "verantwoord" aquarium houden is, als je deze soorten bezit! Hoe dan ook, hier volgt een pittig verslag van ervaringen waarbij moeilijke keuzes zijn gemaakt en opofferingen zijn gedaan. Aanschouw het wonder der wonderen uit mijn biotoopaquarium... Gevoelige lezers, U bent gewaarschuwd!

Mijn verhaal begint in het prachtige "Sea Life Center" te Blankenberge. Daar heb ik voor het eerst een rog (zoutwater) ontmoet. Ik heb zeker een half uur met dat beest aan het spelen geweest! Eenmaal deze dieren aan de mens gewend zijn geraakt, is er geen huis mee te houden; hoe meer je aait, hoe zotter ze worden. Het is gewoon een fantastische en formidabele ervaring, zeker de moeite waard om eens te beleven! Mijn besluit stond vast, ik wilde hoe dan ook een rog, weliswaar een zoetwatervariant- , in m'n aquarium hebben. Natuurlijk niet om mee te spelen, maar om zijn mystieke, bizarre uitstraling. Na enige opzoekingen over het "hoe" en "wat" van deze vis (WAT IK IEDEREEN DIE OVERWEEGT OM OOK ZO'N DIEREN TE GAAN HOUDEN STERK AANRAAD!!!), startte ik mijn zoektocht die vlug eindigde in "Aquarium Neon" te Lokeren.
Direct vond ik wat ik zocht want de winkeluitbater had zo'n 4 verschillende varianten binnen. Te mooi om waar te zijn, maar toen ik de prijzen bekeek was ik al heel wat minder enthousiast, want een stekelrog kost al gauw een slordige 3000 BF voor een jong, fragiel exemplaartje! Voor sommige soorten kan je makkelijk 14000 BF neertellen!
Hoe langer ik keek, hoe groter het verlangen, hoe meer mijn portefeuille jeukte. Mijn verstand (?) gebruikende, opteerde ik toch niet voor de duurste. Men weet nooit wat er met het beestje kan gebeuren eens het bij U thuis gearriveerd is (ziektes, aanpassingsproblemen, enz.) Achteraf bekeken bleek de Potamotrygon laticeps een goede keuze te zijn want het was (is) een vredige en niet-rovende soort.
Daar ze in Lokeren enkel wijfjes hadden, was ik verplicht ergens anders een partner te gaan zoeken. Om een lang verhaal kort te houden, heb ik deze bij toeval op een "import
lijst" gevonden bij ons in Wachtebeke ("de Meerval'').

En nu een woordje uitleg over de familie waartoe de Potamotrygon laticeps behoort: de Paratrygonidae. Deze familie omvat vissen die tot de groep van roggen en vleten behoren. Het lichaam is "dorso-ventraal" afgeplat, wat wil zeggen: er uitziend als een omgekeerd bord. De gepaarde vinnen zijn gedurende de evolutie naar opzij geschoven en aan elkaar gegroeid, zodat ze een dunne tedere strook omheen het lichaam vormen. Het skelet bestaat uit kraakbeen en het lijf is bedekt met placoïde schubben die een lederachtige "look" geven. Bij bepaalde leden zijn er sterke tanden aanwezig, die bij anderen dan weer gedegenereerd zijn. De bek bevindt zich aan de onderzijde van het lichaam en is dus niet zichtbaar. De kieuwbladen zijn over de gehele lengte aan de kieuwbogen bevestigd, er zijn dan ook 10 kieuwspleten zichtbaar aan de onderzijde van het lijf. De bevruchting geschiedt inwendig, want de mannetjes hebben een gepaard copulatieorgaan (pterygopodium) dat zich tijdens de evolutie uit de buikvinnen heeft ontwikkeld; deze bevinden zich achteraan en voor de staart. Het geslachtsonderscheid is dus zeer eenvoudig te bepalen, want de wijfjes hebben dit uiteraard niet. Alle roggen hebben een gepaard "spiraculum". Dit zijn gaten afsluitbaar door een vlies, nodig voor de ademhaling. Deze spiraculi bevinden zich op de kop achter de ogen. De naam "stekelrog" hebben ze niet gestolen want ze zijn uitgerust met een scherpe stekel, al dan niet uitgerust met een gifklier, die zich meestal op de lange fijne staart bevindt. Dus, een prik van zo'n dier kan je best laten verzorgen door een dokter! En nu terug naar onze P. laticeps.

Volgens "Mergus Aquarien Atlas" werd deze vis voor het eerst beschreven door Garman in 1913, maar daar heerst onzekerheid rond; daar er nog veel andere soorten stekelroggen in z'n biotoop rondzwemmen. Het dier werd voor het eerst ingevoerd (vermoedelijk) rond 1970, maar ook hier is er twijfel over. Synoniemen die gebruikt werden zijn: Discus laticeps, Paratrygon laticeps en Trygon laticeps. Deze rog heeft een zeer groot verspreidingsgebied in Zuid-Amerika; van het stroomgebied van de Orinoco en de Magdalena in het noorden tot verschillende rivieren in Argentinië, in het zuiden. In de natuur kan een mannetje, dat iets fraaier gekleurd en getekend is dan het wijfje, zo'n 54 cm lang worden, waarvan de staart ongeveer een 18 cm bedraagt. De diameter is ongeveer 33 cm. Het vrouwelijk exemplaar wordt groter en meet een lengte van 68 cm, haar staart is 25 cm lang. Haar lichaam heeft een diameter van 41 cm! Dus zeker geen te klein aquarium gebruiken voor dit prachtige dier. Gelukkig blijven ze in het aquarium wat kleiner. Als voedsel nemen ze zoetwaterkreeftjes, slakjes en op de bodem levende insecten tot zich. Indien ze heel grote honger hebben dan eten ze ook wormen, rode muggenlarven, tubifex, mysis en houtwormen. Eventueel kan dit gemengd worden met wat diepvriesvoer zoals: mosselvlees, kokkels, krill en artemia. Opgelet, een stekelrog kan kieskeurig zijn wat z'n "diner" betreft! De kans zit erin dat ze vlug uitgehongerd zijn, dikwijls met de dood tot gevolg!!! Dus steeds goed controleren of het dier goed eet. Het zijn typische "benthofage" vissen, dit wil zeggen dat ze het voedsel uit en van het zandoppervlak opnemen. In het aquarium moet men zand als bodembedekking gebruiken (10 cm dik!!!). De kans op verwondingen zou vergroten indien men andere bodemsubstraten zou gebruiken. Verder kan je het bakje verfraaien met wat kienhout en enkele stenen, als er maar genoeg zandoppervlakten zijn. Planten laat je best achterwege, want onze vriend smijt zich graag eens in de bodembedekking! Deze Potamotrygonvariant is een specialist in camouflagetechnieken, zeker als ze jong zijn en nog geen opvallende tekeningen dragen. Als ze op het zand rusten, zijn enkel de uitpuilende ogen zichtbaar. Deze ogen hebben een ovaalvormige iris en de pupil is uitgerust met een "lipje" dat naarmate de lichtsterkte vergroot of verkleint. Hun lichaam is dus zandkleurig en naarmate het humeur zijn ze met fraaie tekeningen versierd.

De lange fijne staart met donkere panterachtige vlekken heeft een stekel! Maar geen nood, eenmaal ze u kennen, zijn ze geenszins van plan deze te gebruiken. Als ze zich kwaad maken of ergeren aan iets dan veranderen ze hun lichaam van een "plat bord" naar een "diep bord", leuk om te zien! Het wonderbaarlijke aan deze roggen is de broedzorg. Ze zijn levendbarend en zetten volledig zelfstandige jongen op de wereld! Volgens een verslag uit een instituut in Detroit (Amerika) zou het niet al te moeilijk zijn om met deze dieren te kweken. Tijdens de vrijpartij bijt het mannetje zijn geliefde, hierdoor kunnen kleine wonden ontstaan, die gelukkig snel genezen. Daar het eenzaten zijn, is het beter haar partner weg te halen tijdens de zwangerschap, tenzij er genoeg schuilplaatsen zijn in het aquarium! Na een tweetal maanden verschijnen grote knobbels op haar rug waarin men de embryo's kan zien bewegen! Als de jongen geboren worden, hebben ze ongelooflijke afmetingen aangenomen en zijn reeds 9cm lang!!! De kleine zwemmende schotel is reeds volledig zelfstandig en ziet eruit als de volwassen exemplaren. Het duurt wel nog even vooraleer ze eten, het is vanzelfsprekend dat de jongen geen genoegen nemen met artemia naupliën, maar eten stukjes regenworm en levend voedsel zoals de volwassen exemplaren! Het grootste aantal jongen geboren uit een wijfje is 4 stuks volgens de wetenschappers uit Detroit en de tijd die verstrijkt tussen twee bevallingen is 3 à 4 maand. Zelf heb ik er nog niet mee gekweekt, daar mijn twee lievelingen nog te jong zijn. Maar wat niet is, kan nog komen, nietwaar?! Dat zou pas een premiëre zijn denk ik. Op gebied van watersamenstelling vraagt deze vis niet zoveel aandacht; een PH tussen de 6 en 6,5. Een GH rond de 10dH, gecombineerd met een KH van 1 tot 2dH. Dus eerder wat aan de zurige kant. De watertemperatuur mag variëren tussen de 24 en 28 ºC. Er is natuurlijk ook een keerzijde aan de medaille en hierdoor heb ik enkele vissoorten moeten weg doen, daar ze de vinnen en de staart van deze rog een lekkernij vonden. Gelukkig had ik dit heel vroeg opgemerkt, zodat m'n favoriete vis geen erge verwondingen heeft gehad. Dus geen bijtgrage vissen bij dit tedere dier plaatsen (zoals Aequidensachtigen, Crenicichla's, Astronotussen en grote "Pleco's"). Kleine Corydorassen kan men ook best achterwege laten, daar ze met hun scherpe vinstralen de buikzijde van de rog kunnen beschadigen! Bij mij deelt deze sierlijke schijf het aquarium met grote (!) Brochissen, Dianema's urostriata, Uaru's, Guianacara's, Geophagussen en de mooie Osteoglossum ferrerai. Verder is onze Potamotrygon laticeps een vredig en rustig dier dat net als een geest door het water zweeft, op zoek naar z'n eeuwige bezigheid: eten. Het is gewoon een unicum en wie weet, komt er een dag dat ik de pracht van dit dier met U mag delen op een tentoonstelling...

Aanmelden