Text Size

Poecilia velifera - zeilvinkarper

Poecilia velifera
Erik Lievens, clubblad oktober '95

Is het nu Poecilia velifera of Mollienisia velifera, in ieder geval behoort de zeilvinkarper tot de soort der levendbarende tandkarpers en nog niet van de kleinste soort ook. In ons aquarium kan hij 12 cm lang worden, terwijl hij in zijn natuurlijke biotoop een lengte kan bereiken van 18 cm.

Poecilia_velifera_1.JPG

ls deze zeilvinkarper eenmaal zijn rugvin uitstrekt, heeft hij zeker zijn naam niet gestolen. Prachtig om zien, hoe het mannetje rond zijn wijfje balst, al pronkend met zijn rechtopstaande rugvin. Het doet mij denken aan het zeil van een windsurfer.

Om dit gedragspatroon te kunnen bewonderen, moeten wij hem echter onderbrengen in een ruim aquarium met veel zwemruimte. Het zijn zeker geen snelheidsduivels, maar vooraleer zo een zeilschip gedraaid is zonder iets aan te raken, is er toch veel plaats nodig. In een klein aquarium houdt hij zijn vinnen samengeknepen en komt hij over als een ziekelijke vis.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Afkomstig uit Mexico, Yukatan, is deze vreedzame vissoort geschikt voor elk gezelschapsaquarium dat min of meer is ingericht in functie van zijn natuurlijke biotoop. Zij stellen geen hoge eisen aan de waterkwaliteit mits het hard is en de pH-waarde langs de alkalische kant ligt (7,5 tot 8,5). Ons leidingwater (van Gent) voldoet in geruime mate. Het strekt tot aanbeveling en beetje zout toe te voegen - 1 theelepel op 10 liter water.

Als voedsel geven wij aan deze vis: artemia, muggenlarven en ook droogvoer. Als we geluk hebben en we voederen niet overmatig, dan zal hij zich ook tegoed doen aan onze verwenste algen. In ieder geval mag groenvoer niet ontbreken: bv. gekookte, fijngesneden salade of gekookte, fijngestampte spinazie. Hebben we algen, beperk de hoeveelheden groenvoer. Wij eten immers ook liever kreeft dan gehaktballen, of niet soms?
Zoals bij vele vissoorten, wordt er spijtig genoeg ook veel gekruist met andere soortgenoten. Zo lijkt de Poecilia velifera veel op de P. latipinna. Het is slechts bij wildvang te merken met welke vissoort wij te doen hebben. Andere kweekprodukten zijn: de Black molly, de lierstaartmolly en de sluiermolly. De hoogvinkarper heeft als grondkleur donkergroen, en als we goed kijken, heeft elke schub een vlekje waardoor het lijkt dat deze vis gestreept is. Heel belangrijk voor het goed houden van deze vissoort, is een goede filtering (geldt eigenlijk voor elk aquarium), hun vinnen zijn immers sterk onderhevig aan bacteriologische infecties. Als ons aquariumwater een hoog gehalte aan nitraten en/of andere schadelijke bestanddelen bevat, zal dit zeker te merken zijn aan de vinnen van onze Poecilia verifera.

De kweek is niet zo moeilijk, wel moeten wij ervoor zorgen dat van zodra het wijfje heeft afgezet, ze onmiddellijk uit de bak wordt verwijderd. De jongen brengen wij onder in een ondiep kweekbakske en worden gevoerd met artemia-nauplii en fijn plantaardig voedsel. Vergeet het niet: groenvoer mag niet ontbreken. Elke liefhebber moet deze vis al eens gehouden hebben. Is dit nog niet het geval, probeer het dan maar eens.

Aanmelden