Text Size

Cynolebias flammeus

Cynolebias flammeus
door Erik Lievens, clubblad juni 2002

cynolebias flammeus_1.jpg

cynolebias flammeus_2.jpg

Binnen onze tropische vissenfamilie vormen deze killi's toch een aparte soort die meer dan vermeldenswaardig is. Eigenlijk zouden ze op geen enkele tentoonstelling mogen ontbreken, dus ook zeker niet op AQUARIANA 2002. Killivissen behoren tot de eierleggende tandkarpers en zijn ondergebracht in de familie van de Rivulidae met als onderfamilie: Rivulinae. De soort die we nu even nader gaan bekijken is de Cynolebias flammeus.

Als we dit visje willen vangen, zullen wij naar Zuid-Amerika moeten vliegen richting Brazilië. In dit mekka van tropische vissoorten hebben we kans om dit visje te vangen in het stroomgebied van de Rio Parana, een bijrivier van de bovenstroorn van de Rio Zaianten, en de Nova Roma. Het geslachtsonderscheid tussen een mannetje en een vrouwtje is te herkennen aan de bontere kleur van het mannetje. Zo ook heeft het mannetje hoge verlengde vinstralen op zijn rug- en buikvin waarmee hij op een indrukwekkende manier kan imponeren.
Het is geen scholen- of territoriumvormende vis die in perfecte harmonie met zalmen zoals bv. de Cynolebieas griseus kan samengehouden worden. Zoals dit voor de meeste seizoenvissen het geval is, houden wij dit visje het best in een speciaal aquarium. Het hoeft geen groot aquarium te zijn, integendeel, een "miniatuur" bakske is zeer geschikt. Ditzelfde aquarium kan zelfs gebruikt worden als kweekbak. Leggen we in het aquarium een "dot" turf op de bodem of in een ander bloempotje, dan zal dit killivisje graag hier haar eieren afleggen. Wel te verstaan moeten we deze dot turf eerst deftig gaan uitspoelen vooraleer te gaan gebruiken voor aquariumdoeleinden. Het kweken van dit visje is niet zo makkelijk. Ze zijn zeer productief.

In de literatuur is er sprake dat de ontwikkelingstijd van de eieren ligt tussen de 3 en de 4 maanden. Daar heb ik wel mijn bedenkingen bij. In de natuur zal dit misschien wel het geval zijn want dan gaan ze afleggen vlak voor de droogtijd aanbreekt. Als het terug begint te regenen en er ontstaan terug plassen dan zullen de eieren na verloop van tijd uitkomen. In aquariumomstandigheden is dit uiteraard volledig anders omdat, in normale omstandigheden het aquarium nooit droog komt te staan. Zijn we de trotse bezitter van jongen van deze Cynolebias flammeus, dan moeten we ze grootbrengen met Artemianauplië. Volwassen dieren houden het liefst van levend voedsel zoals muggenlarven, watervlooien, cyclops, mysis. Het voedsel moet in verhouding zijn met de grootte van hun bek. Droogvoer hebben ze niet graag. Ondanks het een killivis is, is het een robuuste kerel die met zijn 3 cm lengte en zijn stevige body, behoort tot de grootste onder zijn soortgenoten.

Deze Cynolebias flammeus is een prachtig visje dat de naam van waaiervis waard is. Op zijn zijflank heeft hij over de volledige lengte een aantal dwarsbanden die zowel op zijn rug als over de buikvin doorlopen. Zijn grondkleur is turkoois blauw. Over zijn oog loopt een zwarte dwarsstreep die zijn iris kruist. De buikzijde heeft, afhankelijk van zijn vindplaats, een geelachtige schijn, terwijl de bovenzijde van de kop naar de rugvin toe, een kruisgewijs schubbenpatroon heeft, dat eveneens een turkoois blauwe kleur heeft. Zijn staartvin gaat vanaf de staartwortel van transparant naar een blauwe kleur over

Een prachtig visje, dat echter heel moeilijk op de kop te tikken is in de vakhandel.

Aanmelden